skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Jaël Jonkman
Jaël Jonkman RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Jaël Jonkman
Jaël Jonkman RA Tilburg

Borchmolen

De naam Borchmolen herinnert aan de borch of burcht van de graven van Rode, waartoe de molen oorspronkelijk behoorde. Hij wordt voor het eerst vermeld in 1320, maar moet al dateren van vóór 1200.

Om de molen te laten functioneren is parallel aan de bestaande loop van de Dommel een nevengeul gegraven. Overigens was deze geul mogelijk een oude meander van de rivier.

Een sluis in de hoofdstroom zorgt ervoor dat het water vervolgens naar de watermolen stroomt. De sluis stuwt ook het waterpeil op, zodat dat met nog grotere kracht het waterrad kan aandrijven. Benedenstrooms van sluis en molen ontstaat als gevolg van uitschuring een kolk. Op het kaartje is het systeem goed zichtbaar.

de beide watermolens op een tekening van Knip
De beide watermolens op een tekening van Knip

De molenaars hadden er belang bij de sluiskolk zo smal mogelijk te maken. Daardoor bleef het meeste water langs de molen lopen. Dat was echter lang niet altijd in het belang van bijvoorbeeld de boeren stroomopwaarts van de Borchmolen. Ook elders langs Dommel en Aa bezorgden de molenaars hun dorps- en streekgenoten regelmatig wateroverlast. Vandaar dat van overheidswege werd ingegrepen. Karel V bepaalde in 1545 de minimale breedte van de sluis en het maximale waterpeil bij de watermolens. Daardoor ging in de Rooise situatie uiteindelijk meer water via de Hambrug en langs De Kolk stromen, zodat de Dommeltak geleidelijk breder werd dan de omweg langs de molen, anders dus dan op het kaartje.

De vervallen Borchmolen in 1920
De vervallen Borchmolen in 1920

In 1925 stortte de ene helft van de Borchmolen, de oliemolen, in de Dommel en vanaf 1938 stond ook de korenmolen stil. Langzamerhand slibde de ‘molentak’ van de rivier dicht, zodat de brug bij de molen overbodig werd. De nog bestaande molenhelft, die als pakhuis diende, werd in 1944 gesloopt.

Slechts het molenwiel herinnert nu nog aan de activiteiten die hier

Monument voor de Borchmolen
Monument voor de Borchmolen

eeuwenlang plaatsvonden. Een monumentje, bestaande uit enkele molenstenen en een kunstmatig waterloopje, ondersteunt samen met een informatiebord het verhaal van deze plek.

De tweede kolk, achter het sluisje, is slechts te herkennen aan de plaatselijke verbreding van de Dommel en de lagere ligging van de aangrenzende oevers. Daarvoor moet je dan wel naar de westzijde van de huidige Corridor.

Bekijk ook

Watermolens in Brabant

Water in Brabant

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!