skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

De baron wil over een góede weg naar zijn buitenhuis

Op 1 juli 1841 is de eerste provinciale weg van Noord-Brabant gereed. De Gouverneursweg. Een project van de man die zijn buitenhuis beter wil bereiken: baron Van den Bogaerde van Terbrugge.

Baron André van den Bogaerde van Terbrugge, de man achter de Gouverneursweg.

(On)bereikbaarheid. Heeswijk-Dinther heeft er al jaren mee te maken. Als het verkeer op de provinciale weg N279 vast staat, is de ‘Dorpenweg’ of Gouverneursweg het enige alternatief. Verbreding van de N279 moet in de toekomst zorgen voor een betere bereikbaarheid. Het is geheel in de geest van de man die ooit de eerste provinciale weg van Noord-Brabant liet aanleggen: André, Baron van den Bogaerde van Terbrugge (1787-1855).

Hij wordt in 1830 gouverneur van Noord-Brabant. De geboren Gentenaar, kiest tijdens de Belgische Opstand voor het koningshuis. Het levert hem een adellijke titel op. De baron betrekt het Gouvernementspaleis in Den Bosch. Het wordt zijn woon- en werkplek. In 1834 koopt Van den Bogaerde van Terbrugge het vervallen kasteel Heeswijk. Als buitenverblijf. Het blijkt een helse toer om vanuit Den Bosch in Heeswijk te komen. De baron is de slecht begaanbare zandwegen al snel beu. De ontsluiting van de provincie moet beter. De baron wordt een groot pleitbezorger voor de aanleg van provinciale kunstwegen. Na lang aandringen en onderhandelen krijgt hij de steun van Provinciale Staten.

De eerste provinciale klinkerweg wordt in 1839 aangelegd. Het is de weg van Rosmalen naar Veghel. Op 1 juli 1841 is het tracé tot Veghel klaar. “Hoezeer op eene kleine schaal en op de minst kostbare wijze aangelegd, hebbende men met de bestrating geheel en al de bestaande baan gevolgd, zoo blijft dezelfde aan de verwachting voldoen”. En het laat weinig te raden over; deze route loopt pal langs kasteel Heeswijk. De weg wordt door de lokale bewoners gezien als een cadeautje voor de gouverneur om zich met een gemakkelijk rijtuig naar zijn buitenhuis kasteel Heeswijk te kunnen begeven. De klinkerweg krijgt daarom de naam ‘Gouverneursweg’. Al moet iedereen toegeven dat het veel betekent voor de ontsluiting van de Meierij.

Het grootste deel van de financiën is afkomstig “van den welvoorzienen provincialen disch”. Dat werkt. Want vele nieuwe wegen gaan volgen. Ook de Gouverneursweg. Die wordt in 1849 verlengd tot Erp. De Gouverneursweg is “ontegenzeggelijk de elektrische vonk, door wier schok al de kunstwegen in Noord-Brabant zijn voortgekomen”. Waar een baron en een buitenhuis al niet goed voor zijn.

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: