skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Ans Holman
Ans Holman RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Ans Holman
Ans Holman RA Tilburg

De Commissaris van de Koningin over Beers

Rien Wols
Rien Wols Bhic
vertelde op 31 maart 2009
bijgewerkt op 3 augustus 2018
Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Beers te melden:

Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Beers

Den 12den. Augustus 1897 bezocht ik deze Gemeente. Ik reed van Beugen-Kruispunt over Haps, St. Hubert, Wanroij en Mill naar Beers, vandaar naar Groot Linden en vervolgens over Klein Linden naar de halte Katwijk. Op de grens van de gemeenten Mill en Beers werd ik opgewacht door eene eerewacht van ± 60 ruiters; bovendien door den ongetrouwden zoon van den burgemeester Thijssen met 3 andere Heeren in een rijtuig; van deze trad Thijssen als woordvoerder op.

Aan het rijk versierde gemeentehuis te Beers stond eene groote menigte, benevens het hoofd der school met zijne jongens; deze zongen een stukje. Een drietal bruidjes moesten strooien, terwijl één mij een bouquet gaf, dat ik, tot mijn spijt, later vergat mede te nemen. Ik maakte met genoegen kennis met den ouden burgemeester en diens twee wethouders. Het gaat goed in Beers, onder hun bestuur.

De gemeente heeft vele eigendommen, en is daardoor in staat, zonder dat de ingezetenen bezwaard behoeven te worden, veel te doen. Zoo werd dit jaar nog een stuk kleiweg van ± 450 M. verhard. Jaarlijks poot en plant de gemeente nog zooveel zij kan; dit jaar werden nog geplant 100 canada’s langs de wegen en ± 100.000 eenjarige dennetjes. Dat geeft ’s winters geregeld werk aan de behoeftigen, en is in de toekomst productief voor de gemeente.

Op mijne audientie verschenen de pastoor van Beers (Smulders), uiterlijk een achtenswaardig grijsaard, en de secretaris van Beers, Cuppen, in zijne hoedanigheid van voorzitter van het waterschapsbestuur van de Raam. Hij kwam vragen, dat Gedep. Staten het waterschapsbestuur zouden helpen tegen Escharen, dat machtiging gevraagd had om te procedeeren tegen het waterschapsbestuur, ten einde zich te verdedigen tegen een dwangbevel tot betaling van waterschapslasten.

De jacht is te Beers niet door de gemeente verpacht, maar aan den arme gegeven; deze verpacht die te eigen bate. Ik wees het Dagelijksch Bestuur op het onregelmatige, dat hierin was gelegen, doordat hierdoor aan het toezicht van Gedep. Staten deze beschikking over gemeente-eigendom ontsnapte; want noch in de rekening, noch in de begrooting komt hiervan iets voor. Een lange stoet deed mij weer uitgeleide naar Linden, alwaar de jonge Thijssen bij het afscheid nemen weer als woordvoerder van allen optrad.

Huize OssenbroekHuize Ossenbroek

Een der voornaamste goederen onder Beers behoort aan Bn. Van Hövell van het Jappe, nl. “het Ossenbroek”; het kwam door de familie Boreel, alzoo door zijne echtgenoote, in zijne handen. De administratie van Beers wordt gevoerd op voorbeeldige wijze; ik behoefde geene op- of aanmerkingen te maken.

Den 30 April 1902 kwam ik weer in Beers. Ik reed van Cuijk naar Beers; vandaar over Groot Linden naar Klein Linden; en daarna weer terug naar Cuijk. Secretaris Cuppen is overleden; in zijn plaats werd benoemd L.J. Vergeest, een jongen uit Cuijk, die sinds 5 jaren onder leiding van Cuppen op de secretarie van Beers gewerkt had, en dus eene uitstekende leerschool gehad had. Hij is geëxamineerd in 1898. Hij is tevens brievengaarder, op eene tractement van f. 186. Hij woont bij de wed. Kuppen.

De strafverordening op de broodzetting werd in het leven geroepen, grootendeels om de vreemde concurrentie vanuit Cuijk en Mill te weren; de bakkers uit die plaatsen leverden minwaardig brood aan de menschen. De veldwachter neemt tegenwoordig zijn dienst naar behooren waar; de burgemeester heeft hem formeel verboden een voet in eenige herberg te zetten, zeer tot geluk van den veldwachter. Hij maakt nu geen misbruik meer van sterke drank, zooals vroeger.

Er zijn zoo goed als geen armen in Beers; bedeeld behoeft er bijna niet te worden. De hoofden van gezinnen en de kostwinners kunnen ’s winters van de gemeente werk krijgen tegen f. 0,60 en f. 0,70 daags; in den afgeloopen winter meldden zich slechts vier menschen om werk aan. De ongehuwden, voor zooverre zij geen kostwinners zijn, kunnen ’s winters geen werk krijgen; die moeten maar gaan dienen, als ze werk willen; er is steeds overal behoefte aan knechts. Er is een gemeentelijke verordening op den arbeid van kinderen beneden de 12 jaren; deze verordening wordt door de marechaussee gehandhaafd.

De eigendommen van Beers liggen meest alle in de richting van Mill; alles ligt onder de kadastrale gemeente Beers, nl. 85 H.A. broekgrond ter beweiding; 5 H.A. heide met bosch; 25 H.A. bouwland, aan perceelen verpacht voor f. 975. Langs de wegen heeft de gemeente eene beplanting aangebracht, eiken en iepen; in den laatsten tijd ook canada’s. Alles en alles samen 2.400 boomen.

Waterlast in Beers Waterlast in Beers

Als de Beersche Maas loopt, dan gaat in normale omstandigheden 2/3 van de gemeente onder water. In ‘79, ‘80 en ‘82 heeft men veel last van het water gehad; de spoorwijk is in 1882 gelegd; toen hebben Beers, Mill en Haps gerequestreerd, om den bovenmond van de Beerse Maas te doen sluiten, en om den duiker in den spoordijk uitsluitend te doen dienen tot afvoer van zoogenaamd lam water. Op dit request is gunstig beschikt, zoodat de duiker niet gebruikt wordt om bevloeiingswater in te laten. Beers, Mill en Haps hebben hiermede veel geprofiteerd; de gronden uit Cuijk werden echter van inferieure conditie, omdat zij nu bevloeid moeten worden met water, dat door den benedenmond binnenstroomt, en naar boven moet vloeien; daardoor komt daar minder water, en minder rivierslib.

Op het liefdehuis krijgen ± 75 meisjes onderwijs, van welke ± 25 uit Haps, Gassel en Groot Linden. De vroegere burgemeester van Beers had in den laatsten tijd weinig gedaan aan onderhoud van gebouwen enz. enz. Dientengevolge was de tegenwoordige burgemeester verplicht, direct groote uitgaven te doen tot het herstellen van raadhuis (waar een andere trap kwam, een ander dak, terwijl de verdieping werd verhoogd met ± 25 c.M.). van twee geheel versleten bruggen, die door nieuwe moesten worden vervangen enz. Het dak van het raadhuis stond nota bene op invallen! Nu is alles weer in orde; gelukkig dat Beers niet behoefde op te zien tegen de kosten; behalve het vaste goed heeft het eene inschrijving Grootboek ad f. 13.500, benevens f. 5.000 aan hypotheken.

Martens, dien ik in 1897 als wethouder te Beers aantrof, was daar nu gemeenteontvanger; in plaats van wijlen Cuppen. De broekgronden worden ter beweiding aan de ingezetenen uitgegeven in verhouding tot de oppervlakte bouwland, welke ieder in gebruik heeft; dat is volgens B. en W. de beste regeling in het algemeen belang.

Den 16 maart 1905 kwam ik weer in Beers. Vanuit Cuijk bezocht ik eerst Haps; daarna Beers; vervolgens Linden. Vanuit Klein Linden reed ik via Groot Linden en Beers naar Cuijk terug, omdat de weg van Klein Linden naar Cuijk ten gevolge van het hooge water geïnundeerd was. Voor mijne audientie had zich niemand aangemeld. De raadsleden waren goed over de gemeente verdeeld; drie wonen er in de kom; twee op “de Plaats”; een te Dommelsvoort, en een te Broekkerberg.

De finanties van de gemeente gaan weer vooruit; men heeft juist eenige perceelen land zeer duur verhuurd, en hoopt nu geene opcenten op het personeel meer nodig te hebben. B. en W. sterk aangeraden, om een uitgewerkten staat van de gemeente-eigendommen aan te leggen, waarin alles wat betrekking heeft op cultuur en administratie nauwkeurig wordt aangeteekend; zoo’n legger moet in de toekomst groote waarde krijgen. B. en W. overreed, om in de toekomst het onderhoud der waterleidingen ten laste der gemeente te brengen.

Dr. v.d. Dries uit Cuijk is ook hier weer de gemeentedoctor; men is over hem zeer tevreden. Uit nood geslacht vee wordt gekeurd door den veearts Bootz uit Cuijk; voor zijne diensten krijgt hij van gemeente f. 80. De veldwachter houdt zich buitengewoon goed; hij drinkt helemaal niet meer, en komt in geen enkele herberg. Wegens overtreding der leerplichtwet moest eenmaal een proces-verbaal worden opgemaakt; sindsdien waren geen vervolgingen meer noodig. De toestand van de armenklasse is redelijk goed; die van de fondsen van het algemeen armbestuur is minder florissant; door gemeente moest in 1905 voor het eerst f. 100 subsidie gegeven worden.

Men voelt wel veel voor het in orde brengen van de Raam, maar wil vooral de hooger liggende gemeenten, Oploo, Beugen, Wanroij de kosten van het in orde brengen laten betalen; hoe meer gronden in die gemeenten in cultuur gebracht worden, hoe meer water er afkomt, en hoe meer waterbezwaar de lager liggende gemeenten ondervinden. Het is daarom onbillijk, vooral de lager liggende gemeenten met kosten van het in orde brengen van de rivier te bezwaren. Aldus de niet geheel juiste stelling van den burgemeester van Beers.

Den 6 April 1909 kwam ik weer in Beers. Ik had mij aan het station te Ravenstein laten halen, en had tevoren Escharen en Gassel bezocht. Aan het station te Haps nam ik later den trein Boxtel-Bosch. Ik verleende audientie aan pastoor Berten en diens kapelaan; de Heeren zijn eerst sinds een pr. jaren in Beers, en hadden niet bijzonders te vertellen. Sinds mijn laatste bezoek zijn er andere wethouders, een andere secretaris en gemeenteontvanger. De wethouders waren m.i. eenvoudige boeren.

De veldwachter blijft zich gelukkig bij voortduring goed gedragen; hij komt in geen enkele herberg. Armoede wordt ’s winters door niemand geleden; omdat armbestuur niet voldoende inkomsten heeft (f. 590) geeft gemeente f. 200 subsidie. Beers heeft geen hoofdelijken omslag, geen opcenten op de Rijksbelastingen; men leeft er zuinig, en tracht buiten schuld te blijven.

Er is nog geen exploitatiestaat gemaakt van de gemeentelijke bezittingen; de burgemeester beloofde mij, er nu voor te zullen zorgen. Gemeente heeft alle waterleidingen in orde gebracht; waar noodig de duikers hersteld; het geregeld jaarlijks onderhouden van alles zal niet meer dan f. 35.- kosten. Geneeskundige dienst wordt verricht door Dr. v.d. Dries uit Cuijk; hij schrijft hooge rekeningen. Uit nood geslacht vee wordt gekeurd door Bootz, veearts uit Cuijk; burgemeester beklaagt zich, dat hij bijv. miltvuur constateert zonder een microscopisch onderzoek; daardoor is het dikwijls twijfelachtig, of het verdachte beest wel vernietigd behoefde te worden, of de eigenaar van de stal wel gedwongen behoefde te worden, om het andere vee gedurende geruimen tijd afgezonderd te houden. Zoo’n geval was nu voorgekomen; de eigenaar, die een beest als Paaschos verkocht had, mocht dat nu niet leveren; natuurlijk eene zeer groote schade. Als dat beest nu eens geen miltvuur gehad had, dan betaalde het Rijk noodeloos de vernietigingskosten, en had de eigenaar van de stal noodeloos last en moeite.

Voor overtreding der leerplichtwet werd nog nooit een proces-verbaal opgemaakt. Van herhalingsonderwijs maken zeven jongens gebruik. Als de Raam verbeterd is, zal Mars en Wyth veel overlast van water krijgen. Het groote plan van Lamers wordt niet uitgevoerd, omdat Lamers zelf vreesde dat, als de Raam tusschen twee hooge dammen opgesloten was, de poreuze grond het water toch niet zou keeren. Verordening op de broodzetting is hard noodig, omdat er in het kleine Beers 5 bakkers zijn, die scherp tegen elkaar concurreeren; wanneer men hen niet op de vingers kijkt, maken zij een 10-ponds-brood zeker een pond te licht.

Den 17 April 1913 bezocht ik per auto vanuit Cuijk de gemeenten Haps, Mill en Beers. Het zal wel de laatste maal geweest zijn, dat ik door B. en W. op dit Raadhuis ontvangen werd. De woning van het hoofd der school is nl. te klein geworden voor diens groote gezin. Nu is men van plan aan hem de beide tot Raadhuis dienende vertrekken af te staan, en een eigen raadhuis daartegenover te bouwen in den tuin en naast de woning van burgemeester Thijssen; dat kan dit gedeelte van de gemeente heel wat opsieren!

De kerk te BeersDe kerk te Beers

Bevolking van Beers gaat langzaam achteruit; voor de enkele jonge huishoudens, die er zich vestigen, zijn geen voldoend aantal woningen beschikbaar. Bij den spaarzamen bouw van nieuwe woningen wordt de bouwverordening streng gehandhaafd. Het pas geplaatste torenuurwerk werd voor f. 700 gekocht bij Van den Kerkhof-Zonen te Aarle Rixtel; het voldoet goed, en loopt zeer accuraat. Het gemeentebroek werd geheel begraven met breede sloten van drie meter; doordat het dientengevolge geen waterbezwaar meer ondervond, werd het enorm veel meer waard; het is nu in kleine perceelen verpacht, voor 6 en sommige voor 12 jaren; een en ander in een register uitvoerig omschreven, en toegelicht met kaarten.

Langs de wegen heeft gemeente 2.600 boomen, eiken, iepen en canada’s; grootendeels geplant door den vader van den tegenwoordigen burgemeester; men rekent dat gemeente daarvan tusschen nu en 40 jaren voor 50 à 60 mille zal profiteren. Aan waterleidingen wordt veel zorg besteed; ook aan de Raam waaraan de Raamcommissie in 1911 voor f. 2.500 liet verwerken. Om het intrappen van de oevers door het vee te keeren, heeft Raamcommissie aan oevereigenaars de verplichting opgelegd, om langs den oever pindraad te spannen; doen de menschen dat niet, en vernielt het vee den oever, dan volgt proces-verbaal.

Men besteedt veel geld, om langs de wegen rijwielpaden aan te leggen; niet alleen ten behoeve van de fietsen, maar ook voor de voetgangers, de schoolkinderen, de kerkgangers enz. Daardoor is de bruikbaarheid der kleiwegen in den winter zeer veel verbeterd. Er is een nieuwe veldwachter, op een tractement van aanvankelijk f. 450; hij zal nu eene gratificatie krijgen, welke bij de aanstaande begrooting bij het tractement zal gelegd worden. Aan acht kinderen werd herhalingsonderwijs gegeven; de landbouw- en de tuinbouwcursus te Cuijk en het teekenonderwijs in het patronaat te Mill, en aan de school te Grave werd door de belanghebbende leerlingen uit Beers trouw gevolgd.

Vooral ten gevolge van de uitstekende broekgronden zouden de arbeiders zich langzamerhand opwerken tot keuterboeren met twee en drie koeien. Armbestuur krijgt f. 400 subsidie van gemeente. Bovendien laat gemeente ’s winters geregeld minstens 5 behoeftigen vast werken tegen f. 1.- daags.

Het raadhuis, gebouwd in 1915Het raadhuis, gebouwd in 1915

Den 8 Augustus 1918 bezocht ik per auto vanuit Grave de gemeenten Velp, Beers en Gassel. Burgemeester Thijssen begint erg te verslijten; hij heeft groote moeite om zijne gedachten behoorlijk uit te drukken; men moet er veelal naar raden, als hij wat zegt; ik denk, dat hij een tikje gehad heeft. Sinds een pr. jaren is het nieuwe Raadhuis in gebruik genomen; het is een aardig gebouwtje, voor den gemeentelijken dienst zeer voldoende ingericht.

Voor het oud archief moet echter nog beter worden gezorgd; het ligt thans op zolder grootendeels tegen een buitenmuur opgestapeld. Naar men mij mededeelde; waren reeds een jr. geleden rekken besteld, welke midden op den zolder moeten worden opgesteld; de timmerman zou nog geen tijd hebben gehad ze af te leveren.

Men verlangt er sterk naar, dat de zomersluiting van de Beerse Maas tot 10.80 M + AP wordt opgehoogd. De Rijkswaterstaatsingenieur Van Vlissingen heeft aan Burgemeester Thijssen verklaard, dat, wanneer die ophooging zou worden uitgevoerd, de waterstand te Katwijk niet meer dan 1 c.M. zou verhoogen. De Raam wordt wel goed in orde gehouden, maar beantwoordt desniettegenstaande toch niet voldoende aan haar doel. Er zit eene hoogte in; die moet weggewerkt worden; opzichter Lamers maakte daarvoor een plan met begrooting van kosten. De uitgaven deswege zullen zeer beduidend zijn, terwijl Lamers niet de verzekering durfde geven, dat, wanneer het werk uitgevoerd zou zijn, de bestaande bezwaren volledig zouden zijn overwonnen. Zoo zal er van de uitvoering van het heele plan wel niets komen. In zake de Raam schijnen de besturen van Beers en Mill moeielijk tot overeenstemming te kunnen komen.

Beers merkte niets van de groote locaalspoorwegplannen van Voorhoeven; de Beerse Maas schijnt voor eene locaalspoorwegverbinding een grooten sta-in-de-weg te zijn. Er wordt nog geen hoofdelijken omslag in Beers geheven; maar men zal er nu binnenkort wel aan moeten. Burgerlijk armbestuur krijgt van gemeente f. 300,- subsidie. Uit Gennep komen de sintels voor de rijwielpaden ad f. 8 de wagon. B. en W. waren eenstemmig van oordeel, dat de boomen der gemeente (± 2.600 stuks) prachtig groeiden; men had van het voorjaar 120 boomen willen verkoopen; de Regeering had daarop toen een kapverbod gelegd, omdat ze nog niet uitgegroeid zijn.

Den 29 Mei 1922 bezocht ik vanuit Cuijk de gemeenten Cuijk, Oeffelt en Beers. De nieuwe burgemeester maakt mij een goeden indruk; zijne verhouding tot beide wethouders schijnt mij uitstekend. Partijschappen bestaan hier niet. Bij de laatste raadsverkiezing had één lid zich herkiesbaar gesteld; de anderen werden herkozen. Het is maar goed, dat de vroegere secretaris Peeters Weem niet benoemd werd tot burgemeester; hij was zeer onhebbelijk, als hij niet met vriendjes te doen had; vandaar, dat drie raadsleden tegen zijne benoeming ageerden. Bovendien liet zijne administratie te wenschen over; thans is die uitstekend in orde.

Het gaat den boeren nog vrij goed; er worden hier veel varkens gemest en nog veel meer gefokt. Gewone menschen hebben zes zeugen; als die jaarlijks tweemaal jongen krijgen, dan fokt zoo iemand per jaar wel 100 jonge varkens. De vette varkens (bruto 100 K.G.) worden meestal levend naar België, Frankrijk of Zwitserland verzonden. Voorloopig geen elektriciteit, men rekende op hoogstens 50 aansluitingen na drie jaar; dan bleef er een tekort van f. 1.200,-. De Raam is goed in orde gebracht; de verzandingen zijn er uitgehaald.

Watersnood door de overstroming van de Beersche Maas (BHIC, Het Zuiden)Watersnood door de overstroming van de Beersche Maas (BHIC, Het Zuiden)

De kasten of rekken, die, tot berging van oud archief reeds in 1918 besteld heetten, waren er nog steeds niet. Er op aangedrongen, dat die nu eindelijk zullen worden aangeschaft. Bij den burgemeester erop aangedrongen, dat hij een register van beplantingen langs de wegen zal aanleggen; hij heeft beloofd er voor te zullen zorgen. De waterleidingen zijn goed in orde; maar als het water wegens den waterstand op de Maas niet lossen kan, dan loopt langzaam aan alles vol.

Men is zeer tevreden over den veldwachter; de menschen hebben ontzag voor hem, terwijl hij niet vitterig optreedt; hij is 14 jr. in dienst. Via den Boerenbond betrekt men jaarlijks 30 wagon kunstmest: slakkenmeel, chili, kali en super. De doorbraak te Cuijk bracht een schade van f. 84.000; daarvan door Amsterdam f. 18.000 vergoed.

Reacties (4)

Ton van Riet, Gemert zei op 9 november 2018 om 10:46
Hier moet ik toch de commisaris corrigeren. Hij schrijft over de veldwachter in 1922, dat hij 14 jr. in dienst is. De originele aanstellingakte (in mijn bezit)
heeft als datum 28 okt. 1912. Daarvoor was hij boswachter op de "Ossenbroek" en woonde in Haps. Mijn moeder, zijn dochter, is daar nog geboren in 1912. De jongere kinderen in Beers.
De foto "waterlast in Beers" is gemaakt door mijn vader Jo van Riet.
(Het glasplaat-negatief is in mijn bezit.)
Lisette Kuijper
Lisette Kuijper bhic zei op 13 november 2018 om 13:59
Wij geloven je uiteraard helemaal als kleinzoon van de veldwachter, Ton! Overigens lijkt de aanstellingsdatum ook uit onze archieven naar voren te komen. Het gemeentebestuur van Beers bevat namelijk een dossier met 'stukken betreffende de veldwachters der gemeente Beers' en het eerste document daarvan komt uit 1912!

Het gebeurde overigens wel vaker dat de Commissaris van de Koningin zich vergiste in een datum. Bedankt voor het doorgeven, Ton!
Ton van Riet zei op 13 november 2018 om 14:16
Het een en ander zal wel onder het nuttigen van een "glaasje" besproken zijn.

Ik vraag me af of hij een secretaris meebracht om alles te noteren.
Lisette Kuijper
Lisette Kuijper bhic zei op 20 november 2018 om 13:07
Dat zou best eens kunnen, Ton! Wat betreft die secretaris; ik zou het eerlijk gezegd niet weten. De verschillende verslagen die je hier op onze website kunt lezen zijn allemaal in de ik-vorm geschreven, maar de commissaris zou natuurlijk ook iemand de opdracht kunnen geven om namens hem te schrijven...

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!