skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Jaël Jonkman
Jaël Jonkman RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Jaël Jonkman
Jaël Jonkman RA Tilburg

De Commissaris van de Koningin over Boxmeer

Rien Wols
Rien Wols Bhic
vertelde op 1 januari 2009
bijgewerkt op 2 augustus 2018
Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Boxmeer te melden:

Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Boxmeer

Den 10den. Augustus 1897 bezocht ik de gemeente Boxmeer; ik reed van Vierlingsbeek naar Maashees; vandaar naar Vierlingsbeek; vandaar naar Sambeek en vandaar naar Boxmeer. Op de grenzen van de gemeenten Sambeek en Boxmeer stond mij een eerewacht van fietsers en boeren te paard op te wachten. Een zekere Peeters, een failliet leerlooier, iemand die zich misdraagt, wien ik in 1896 eene jachtakte weigerde, en die er zich een door bedriegelijke voorgevens in Dieren wist te doen afgeven door Mr. Mollerus, hield een lange toespraak. Hij deed beter voor zijne vrouw en zijne 9 kinderen te zorgen.

Op de grens van de kom der gemeente stond de harmonie, en vandaar ging het in optocht naar het gemeentehuis. Het gemeentehuis is boven (2de verdieping); onder is de korenbeurs. Onder aan de trap werd ik ontvangen door de wethouders; in de raadszaal door den burgemeester met een lange toespraak over beschermende rechten, over eerbied voor het gezag, over nood van den boerenstand, enz. en eindigende met een heilwensch voor de Koninginnen! Vervolgens zaten we wat te praten, en daarna audientie.

Eerst verschenen de geestelijken, Carmelieten, die eene parochie hebben te Boxmeer sinds ruim 200 jaren, en nooit verdreven werden; deze kwamen met hun kerkmeester, den heer Rijken. Een der twee paters was Holtslag uit Zenderen. Vervolgens verscheen de dominee (Van Maaren), herder zonder kudde, die mij verzocht zijne kerk te komen zien, aan welk verzoek ik niet voldeed. Daarna Hulst, ontvanger der registratie, Preisman, directeur van het Postkantoor, Peeters, cand. notaris, een nette jongen, een broeder van bovengenoemden faillieten leerlooier, Slegers, een varkensslachter, en Klessens, hoofd der school. Deze annonceerde mij gezang van kinderen zijner school, hetwelk even daarna op straat werd aangeheven en door mij vanaf het balcon werd aangehoord.

Daarna kwamen alle Raadsleden binnen. Toen deze weer geëxpedieerd waren, ging ik met den burgemeester Hengst in diens rijtuig naar diens woning, en maakte ik daar kennis met diens vrouw, eene juffrouw Witkamp uit Schiedam. Zij hebben geen kinderen. Ik zat daar een beetje met hen te praten; we wandelden samen eens door den tuin en toen was het tijd om te vertrekken. Voor het mij door Hengst aangeboden diner had ik bedankt.

Station BoxmeerStation Boxmeer

Met B. en W. reed ik naar het station; het was weer een heele optocht; aan het station speelde de harmonie weer een stukje, tot groot genoegen van de reizigers in den trein, waarmede ik naar Nijmegen vertrok. De open vakken in de akten van den burgerlijken stand waren niet allen aangestreept. De politieverordening dagteekent van 1885, en is dus niet in overeenstemming met het wetboek van strafrecht. Overigens vielen er geene aanmerkingen op de administratie van den secretaris en op die van den ontvanger.

Eene onhebbelijke behandeling van den Inspecteur der registratie te Nijmegen door den burgemeester van Boxmeer werd door mij beëindigd bij schrijven aan den Directeur der Registratie te Maastricht dd. 18 Maart 1899, 1ste Afd. 1ste Bureau A. No. 7.

Den 1 Mei 1902 kwam ik weer in de gemeente. Ik reed van Cuijk over St. Agatha, Oeffelt en Beugen naar Boxmeer; en later langs denzelfden weg weer terug naar Cuijk. Op het raadhuis vond ik B. en W.; zij vertelden mij, dat, sinds mijn vorige bezoek, van de 7 raadsleden er 4 overleden waren. In de plaats van den wethouder Bouwmans vond ik nu den 75-jarigen wethouder Hendriks, gekozen als zoodanig vóór een pr. maanden.

De bevolking van Boxmeer is gedurende eenige jaren nog al beduidend verminderd, doordat meerdere sigarenmakers, met hun geheele huishouden, naar Duitschland trokken. Het gaat daar thans niet meer zoo goed als vroeger; vandaar, dat meerdere huishoudens in den laatsten tijd terug kwamen. De jonge mannen en meisjes gaan veel in de steden, ook veel in Duitschland dienen: de loonen in Boxmeer zijn niet hoog, het kostgeld is er duur (f. 0,60 per dag).

Verordening op het bewaren, vervoeren enz. van vleesch en afval moest worden vastgesteld om de exportslagerijen: bij Straatmans worden wekelijks tot 150 stuks hoornvee geslacht en naar Duitschland gezonden; bij Van der Beek worden vooral varkens geslacht en verzonden, deels naar Engeland, deels naar Duitschland. Om dezen tijd wordt bij Van der Beek niet geslacht, dat naam heeft; de boeren leggen nu de wintervarkens op, en hebben er geen voor den exportslagerijen te missen.

Processie in Boxmeer (Fotostudio Jan Waarma)Processie in Boxmeer (Fotostudio Jan Waarma)

In Boxmeer bestaan vanouds processies met het H. Sacrament. 4 groote processies, en 1 kleine processie. Bijna de geheele bevolking trekt in de processie mede, misschien wel 2.000 man. Die processies trekken met goed weer vele vreemdelingen, en deze brengen weer veel geld in de gemeente. Men schat hun getal soms op 10.000.

De burgemeester deelde mij mede, dat de instructie voor den veldwachter moeielijk te handhaven was, omdat buiten slechts kroegen waren, en dus de kroeghouders het boekje moesten afteekenen, terwijl hij het niet wenschelijk vond, dat de veldwachter in de herbergen komt. Ik pleitte in het belang van den veldwachter, dat diens jaarlijksche gratificatie bij zijn tractement zou worden gelegd; de burgemeester zeide mij zulks toe. Het oude archief van de gemeente werd indertijd door de Graven van Bergh overgebracht naar ’s Heerenberg. Men heeft wel eens getracht het terug te krijgen, maar tevergeefs. Op het klooster der Carmelieten zijn enkele oude stukken, maar hun archief is niet toegankelijk; zelfs de burgemeester mag het niet zien. Men is blijkbaar bevreesd, dat alsdan enkele stukken zullen gereclameerd worden. De burgemeester Hengst moet een mooi familiearchief hebben, met stukken tot zelfs van 1400.

In dit jaar (1902) heeft men voor het eerst mast geplant, ± 120.000 stuks, de grond werd op dammen geschoten van ± 4 M. breedte; de sloten zijn 1 M. breed. De aanleg kostte ± f. 70 per H.A.; er werden ± 120.000 mastplanten gepoot. Van de 8 geëxamineerden van de Rijksnormaalschool slaagden er in 1902 slechts 3. Te Boxmeer is eene groote landbouwvereeniging; 250 leden; Voorzitter is wethouder Timmermans; penningmeester is Hengst. Men koopt coöperatief hulpmeststoffen en krachtvoeder; eens werd in een jaar voor f. 80.000 besteld. Alles wordt onderzocht door het Rijksproefstation te Maastricht. Guano en superphosfaat worden gefabriceerd in ons land; chilisalpeter, kainiet en thomas slakkenmeel komen uit Duitschland. Koenen en Schoenmakers maken alleen superphosfaat; ze kunnen niet op tegen de fabriek te Dordt en te Zwijndrecht. De lijnkoek komt meestal in Duitschland (Emmerich); de raapkoek van de Zaan. Eene uitstekende fabriek van lijnkoek is die van Pars te Franeker; hij is echter een beetje duur, en daar willen de boeren niet aan.

Het armbestuur te Boxmeer heeft nog al fondsen; gebrek wordt er niet geleden. De sigarenfabrikanten te Boxmeer hebben zich in 1895 onderling verbonden, om geen der socialisten, die toen de gemeente in rep en roer brachten, vóór 1905 weer in dienst te nemen. Hengst vreest, dat ze toch zullen terugkomen en zullen worden aangenomen door Van Rossum, een fabrikant, die in 1895 nog niet in Boxmeer was. De sigarenfabrieken hadden een moeielijken tijd; ze gaan nu weer wat beter. Op het oogenblik hebben de schoenmakers het hard te verantwoorden. In sommige tijden van het jaar gaat er op de wekelijksche graanmarkt te Boxmeer zeer veel om. Overigens is men zeer jaloers van de veemarkten te Cuijk, die daar zoo goed gaan. Het terrein van de markt te Boxmeer is 4 maal beter en grooter dan te Cuijk, maar de markt te Boxmeer neemt niet op.

Den 15 Maart 1905 kwam ik weer in Boxmeer; ik reed er vanuit Cuijk heen; ik bezocht denzelfden dag eerst Oeffelt en daarna Beugen, en keerde ten slotte vanuit Boxmeer per trein naar Cuijk terug. Ik verleende audientie aan den directeur van het Postkantoor, den Heer Vergroesen, dien ik eertijds in gelijke betrekking te Dongen gezien had; hij kwam eenvoudig zijn opwachting maken, evenals notaris Grollenburg, die daarna verscheen.

W. de Haan, een gepens. O.I. militair klaagde, dat hij geen onderstand kreeg van Oeffelt, omdat hij zijn schoonvader, van Oeffelt geboortig, bij zich had. Mede maakte de secretaris Baken zijne opwachting, evenals de ontvanger Jurgers. Baken gaat in Mei trouwen met een meisje uit Westerhoven; hij zal dan met f. 760 moeten rondkomen. De ontvanger Jurgers wilde hooger salaris, omdat hij meer werk had tengevolge van het legaat van Cooth; hem verwezen naar B. en W.

Van de Raadsleden wonen er zes in de kom; de zevende woont te Holsteeg; van de bevolking wonen 2.300 menschen in de kom en 150 buiten. De procedure van verschillende gemeenten tegen Mr. Rits over de afgifte van het legaat van Cooth vordert slecht; Boxmeer althans heeft daarvan in zeer geruimen tijd niets gehoord, en weet niet hoe de zaak staat. B. en W. in overweging gegeven een uitvoeriger staat omtrent de gemeente eigendommen op te maken, waarin alle bijzonderheden omtrent cultuur, exploitatie, opbrengst enz. uitvoerig wordt genoteerd.

Rijks-Normaalschool aan de Biest, 1920 (Wed. Jac. de Best, Boxmeer)Rijks-Normaalschool aan de Biest, 1920 (Wed. Jac. de Best, Boxmeer)

In den geneeskundigen en verloskundigen dienst wordt op zeer voldoende wijze voorzien. Wegens overtreding van de leerplichtwet behoefden geene processen-verbaal te worden opgemaakt. Voor herhalingsonderwijs is geen animo; dat wordt niet gegeven. Met de fondsen van het legaat van Cooth werd een landbouwschool (met 18 leerlingen) en een teekenschool (met 24 leerlingen) in het leven geroepen. De Rijksnormaalschool voor onderwijzers neemt weinig op en heeft weinig succes; in 1904 behaalde één leerling de akte lager onderwijs. Ter wille van het salaris zorgen de aan de normaalschool verbonden schoolhoofden, dat de instelling niet te niet gaat.

Smulders, een zoon van den Utrechtschen machinefabrikant, begon eene kleine steenfabriek in Boxmeer, en breidt die thans, langzamerhand, gaandeweg uit.

Den 10 Mei 1909 kwam ik weer in Boxmeer; ik was via Boxtel-Oeffelt eerst naar Beugen gegaan; ik ging later in Cuijk slapen. Ik verleende audientie aan den Heer Pechtold, exploitant der acytileengasfabriek en eigenaar van eene groote ijzerzaak; hij zou gaarne hofleverancier worden. Hem gezegd, dat hij mij zijn curiculum vitae moest zenden en in bijzonderheden omtrent zijn zaak moest inlichten. De gemeentesecretaris Baken kwam vervolgens zijne opwachting maken; hij had niets bijzonders te vertellen.

Van socialistischen geest onder het werkvolk bemerkt men thans niets bijzonders meer. Het getal sigarenmakers is tegenwoordig beduidend minder dan vroeger; de meesten zijn van Boxmeer geboortig; dat zal op den beteren geest wel invloed hebben. Veel volk gaat er niet meer naar Duitschland; daar zijn de loonen beduidend minder dan voor een jaar of vijf. De exportslagerij van Lion en Weijers werkt nog steeds vrij druk; doordat er uitsluitend vee en varkens voor Duitschland geslacht wordt, heeft men met bijzondere keuringsmaatregelen vanwege de Regeering niets te maken; Duitschland laat het vleesch gemakkelijker binnenkomen dan Engeland.

De groote moeielijkheden in verband met de salarissen der onderwijzers naderen haar einde; men zal het hoofd in den schoot leggen, den wensch van Gedep. Staten vervullen en aan de onderwijzers hun salaris uitbetalen; in de aanstaande gemeenteraadsvergadering moet deze zaak haar beslag krijgen. Aan het herhalingsonderwijs nemen 27 kinderen deel; als de onderwijzers meer geschikte menschen waren, zouden vermoedelijk nog meer kinderen van dat onderwijs profiteren. De Rijksnormaallessen hebben weinig succes; als er jaarlijks één leerling de akte haalt, dan is het mooi. Boxmeer heeft thans moeielijkheden met het Rijk, omdat het van beschikbaarstelling van localiteiten, vuur en licht van het Rijk vergoeding vraagt, en die tot nu toe niet kan bekomen.

B. en W. droegen aan Heide Maatschappij op een plan op te maken tot verbetering der Groote Beek, komende van Overloon en te Oeffelt in de Maas uitmondende; de capaciteit van die beek is thans geheel onvoldoende, verscheidene bruggen zijn te nauw. Men hoopt, met finantieelen steun van de Provincie, de algeheele verbetering van die beek in orde te brengen.

De processies brengen aan de gemeente geen groot voordeel meer aan; er komen veel te veel menschen op de fiets; over het algemeen blijft men veel te kort in Boxmeer; daar overnachten doet haast niemand meer.

De Heer Kreutzer uit Roermond komt gedurende zes maanden in het jaar, tweemaal per week, telkens drie uren, onderwijs geven. Dat onderwijs omvat landbouw en veeteelt (drie uren), en boomkweekerij (drie uren). De Heer Kreutzer wordt zeer geprezen; sinds hij les geeft, zijn er heel wat boomgaarden aangelegd, en vruchtboomen geplant. Hij heeft bijzonder de gave, om zijn gehoor te boeien; hij geeft zich bijzonder veel moeite. Hij krijgt f. 600 per zes maanden, welk geld gevonden wordt uit het legaat van Cooth.

Als historische bijzonderheid deelden B. en W. mij mede, dat de oude heerlijkheid Boxmeer omvatte Boxmeer en de burgerlijke gemeente Oploo. De graven van Bergh resideerden veelmaals te Boxmeer. Deze omstandigheid verklaart, hoe het komt, dat zooveel oud archief van Boxmeer naar Bergh verhuisd is.

Den 16 April 1913 bezocht ik per auto vanuit Cuijk de gemeenten Boxmeer en Beugen. Wethouder Grubben wordt mij weder door Hengst tegemoet gestuurd om mij te ontvangen; Hengst zelf wacht mij in zijn raadszaal op. Wethouder Hendriks is juist overleden; zijn opvolger moet nog benoemd. Niemand voor de audientie, behalve secretaris Baken; ik heb dus allen tijd voor den burgemeester met zijn wethouder.

Er wordt in Boxmeer vrij veel gebouwd; in 1912 minstens 12 goede woningen; ook de vooruitzichten voor 1913 zijn goed. Bouwverordening wordt streng gehandhaafd. Periodiek aftredende raadsleden worden steeds bij candidaatstelling herkozen; dat zal ook in 1913 het geval zijn. Twee Raadsleden (Gerrits en Van den Bosch) wonen buiten de kom. Verhouding met naburige gemeente Beugen – met het gemeentebestuur van – laat veel te wenschen over; Hengst scheldt daar hard tegen. Maar zoveel te beter kan hij overweg met het bestuur van Sambeek. Zou de houding van Sambeek in zake den weg Oploo-Venray ook verklaard kunnen worden uit die hartelijke verhouding tot den burgemeester van Boxmeer?

Boxmeer heeft mooie broekgronden, ± 130 H.A., die veel meer zouden opbrengen, wanneer de Oeffeltsche Raam beter in orde was; burgemeester van Oeffelt werkt niet mede. Heide Maatschappij heeft een verbeteringsplan ontworpen van f. 28.000. Burgemeester zal nog eens probeeren, en de burgemeesters der langs liggende gemeenten (Venray-Oeffelt) bij elkaar roepen; hij vreest echter, dat burgemeester van Oeffelt dan niet zal komen; deze pleegt lijdelijk verzet; zonder diens medewerking kan er niets van komen. Gemeente heeft wel 6 K.M. grintweg te onderhouden; de grint is duur; ± f. 2,40 op de wal; moet boven Roermond gebaggerd worden.

Gemeente is gedeeltelijk gerioleerd; een stuk – thans een open riool – moest wel gerioleerd worden, maar het is zoo duur; voor een jr. of drie heeft men nog een beduidend stuk in orde gebracht.

Kasteel met rechts het ziekenhuis, 1910Kasteel met rechts het ziekenhuis, 1910

In gemeente wonen 7 Joodse gezinnen; hun kerkhof ligt onder Vierlingsbeek. Voor ± 26 jr. werd eene stichting in het leven geroepen, met het doel 4 zusters-wijkverpleegsters te krijgen; de stichting stelt daar voor jaarlijks f. 1.000 disponibel. Die 4 zusters woonden aanvankelijk in een gewoon huis, en waren gewone wijkverpleegsters. Later kocht haar orde het kasteel te Boxmeer, vestigde daar een noviciaat, een ziekenhuis enz. De stichting betaalt ook thans nog f. 1.000. Curatorium van die stichting wordt gevormd door pastoor, burgemeester, twee leden, benoemd door den Raad, en twee leden, benoemd door het armbestuur. Gemeente subsidieert de stichting met f. 250 per jaar; de verdere benoodigde gelden moeten komen uit legaten, vrijwillige bijdragen, enz.

Uit legaat van Cooth – jaarlijks ± f. 3.000 – wordt betaald de landbouwcursus, de cursus voor tuinbouw en ooftteelt, het teekenonderwijs en het Mulo-onderwijs; onderwijzer Kreutzer uit Roermond levert bijzonder goed werk in zake land- en tuinbouw. Het algemeen armbestuur heeft een jaarlijksch budget van f. 5.000; armoede wordt in Boxmeer niet geleden. De industrie gaat goed, vooral steen en sigaren; er wordt goed geld verdiend en hooge loonen betaald. Men zoekt thans te komen tot de oprichting van eene ambachtsschool voor Boxmeer en omgeving, ten behoeve van de ambachtsman. Markten beteekenen niet veel, behalve de varkensmarkten; die gaan bijzonder goed.

Den 13den. Augustus 1918 bezocht ik per auto vanuit Cuijk de gemeenten Boxmeer en Oploo. De burgemeester van Boxmeer blijft nog steeds zeer ontevreden over zijn gemeentesecretaris. Successievelijk op 6 Februari 1917, 7 Mei 1918 en 6 Juni 1918 werd Verdijk door mij naar Boxmeer gezonden, om de administratie ter secretarie na te gaan; telkens werden groote tekortkomingen geconstateerd. Desniettegenstaande is de toestand ook nu nog niet zooals die zijn moet; bij allerlei werk is telkens een groote achterstand. Als hulp heeft de secretaris een juffrouw + een volontair; zeker voldoende, om alles goed bij te houden. Ik heb den secretaris eens gemoedelijk onder handen genomen; moge het helpen! B. en W. beweren, dat hij aan den drank is, en dientengevolge zijn werk laat loopen.

Ter voorziening in de volkshuisvesting werd eene vereeniging opgericht, die met Rijkssubsidie 12 woningen stichtte; in den allerergsten nood is thans wel voorzien, maar er is toch nog groot gebrek. Bij de laatste stemming voor de Tweede Kamer kreeg Oudegeest, socialist, 35 stemmen. Van gemeentewege werd een onderzoek ingesteld naar de aanwezigheid van oud-archief der gemeente te Bergh, daar is niet veel bijzonders; maar te ’s Hage zou nogal wat zitten.

Sigarenfabriek van Firma Achterberg, 1910Sigarenfabriek van Firma Achterberg, 1910

Nog geene beschrijving van de exploitatie der gemeentelijke bezittingen. Boxmeer had vroeger een prachtig grondbezit; om de kosten van inkwartiering 1830 tot 1839 te dekken, werd omstreeks 1840 voor ± anderhalve ton verkocht. Op kosten van Beugen (30%) Boxmeer, Sambeek en Oploo (ieder 20%) en Maashees + Vierlingsbeek (samen 10%) wordt de Oeffeltsche Raam onder Oeffelt verbeterd en gediept.

Kreuzer uit Roermond geeft nog steeds met veel succes landbouw- en tuinbouwonderwijs.

Er zijn nogal armen in Boxmeer; het Parochiaal armbestuur is rijk; het Burgerlijk armbestuur krijgt jaarlijks door het Rijk gezonden f. 102.-; men weet niet, welke de oorsprong is van dat geld. De exportslagerij werkt druk; slacht schapen voor de Regeering. De twee sigarenfabrieken maken uitstekende zaken. De steenbakkerij van v. Daal is opgedoekt. Van het gemeentelijk Broek zijn thans 100 H.A. ontgonnen; totale uitgaven f. 45.000; ontvangsten 1918 ± f. 10.000. Nog 50 H.A. kunnen ontgonnen worden. Boxmeer heeft drie Hectaren boschgrond.

Den 1 Juni 1922 bezocht ik vanuit Cuijk de gemeenten Sambeek en Boxmeer. Verkuyl, de nieuwe burgemeester, heeft zich in de zaken al aardig ingewerkt; hij schijnt mij een geschikte verstandige man. Op de secretarie bracht hij enkele veranderingen, door inrichting van twee kamers, eene voor den secretaris en eene voor hem zelven; de twee ambtenaren deelen samen de vroegere secretarie. Vroeger zat alles bij elkaar, en werd, door samen praten, door gestoord worden door publiek, enz. veel tijd verloren. De verhouding van Verkuyl tot zijne twee wethouders scheen mij zeer goed.

Er was in Boxmeer een groot woningtekort; daarin werd voorzien 1e. door den bouw van 12 woningen door eene vereeniging; 2e. door den bouw van 38 woningen door eene andere vereeniging; 3e. door den bouw van 35 woningen met Rijkspremie; 4e. door den bouw van 50 woningen door de exportslagerij van Lion. Voorloopig wil men het nu in Boxmeer eens aanzien; als het werkelijk noodig mocht blijken, wil men nog 19 woningen bouwen.

Bij de laatste Raadsverkiezing werden 3 Raadsleden uitgeworpen. Toch bestaan er geen echte partijschappen. De Heer Molmans, het eenige werkman-raadslid, is een geschikte man, in den Raad veroorzaakt hij heel geen moeielijkheden.

De electrificatie van Boxmeer kostte f. 194.000. Daarvan komt f. 114.000 voor rekening van provisorium en werd door gemeente overgenomen. Op bedrijf rust dus eene schuld van f. 80.000. De exploitatie van het gemeentelijk net kostte over 1921 – het eerste boekjaar – aan gemeente ± f. 6.000. Licht 60 cnt, kracht 35. Bovendien moet men f. 15.000 stroomafname aan PNEM garandeeren.

Fabriekscomplex Lion-LöwenbergFabriekscomplex Lion-Löwenberg

Op het moment heel geen werkeloosheid. Maar voor een pr. dagen brak er eene staking uit op de exportslagerij van de firma Lion-Löwenberg, omvattende ruim 150 man = het heele lagere arbeiderspersoneel. Lion had voor eenigen tijd de loonen met 15% verminderd, en wilde er weer 10% af doen. Personeel wilde voor hetzelfde loon als vroeger 48 uur werken tegen Lion 45 uur. Lion was daarmee niet tevreden en wilde, dat er voor dat loon 50 uur zou gewerkt worden. Pastoor Van Rijswijk is geestelijk adviseur van den bond der arbeiders; naar zijne mening zullen de moeielijkheden wel spoedig overwonnen zijn; er zal wel spoedig een modus vivendi gevonden worden. De arbeiders hebben het niet zoozeer tegen Lion, als wel tegen diens opzichters, vooral tegen S. de Wijze.

Voor de ingezetenen brengen de processies geen voordeel meer: Duitschers komen er niet meer; de menschen uit de Meijerij, die vroeger op karren kwamen, komen thans per fiets, en zijn maar een kort oogenblik in gemeente. De verhouding tot de omliggende gemeenten, met name ook tot Beugen, is thans uitstekend.

Men zou zeer gaarne eene ambachtsschool hebben; voorloopig nog toekomstmuziek. De teekenschool, waar het onderwijs eertijds te wenschen over liet, gaat thans uitstekend; 4 leeraren 75 leerlingen. Bij eene verkiezing moet men op minstens 50 socialistische stemmen rekenen.

De lager onderwijswet 1920 veroorzaakt geen groote onkosten, doordat men de normaalschool ophief, waardoor men de beschikking kreeg over een uitstekend ingericht zevenklassig schoolgebouw. Men denkt, dat men voor het openbaar onderwijs een nieuwe tweeklassige school zal moeten stichten!

 

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!