skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

Internaat Sint Franciscus van Sales in Goirle

Internaat St. Franciscus behoorde toe aan de Fraters van Tilburg. Zij vormden een echte onderwijscongregatie. Hun lesmethoden voor het lager en middelbaar onderwijs waren in het hele land bekend. Juvenaten waren voor hen een inkomstenbron, maar ook een kweekvijver voor nieuwe congregatieleden. De leerlingen in Goirle werden voorbereid op de opleiding tot frater-onderwijzer in Tilburg.

Foto: collectie Regionaal Archief Tilburg 046480
Juvenisten in de kloostertuin bij de vijver (1905). Bron: collectie Regionaal Archief Tilburg

In Goirle volgden de leerlingen de eerste vier jaren van de zesjarige juvenaatopleiding - een middelbare school voor aspirant-fraters. Deze opleiding in Goirle was intern; de jongelingen trokken dus in bij deze geestelijken en keerden na de lessen niet terug naar hun ouderlijk huis. De oud-juvenisten zullen zich vast nog die overgang herinneren - de laatste nacht in je eigen bed, het afscheid nemen en dan afgezet worden bij het fraterhuis, daar op de hoek van de Kloosterstraat en de Thomas van Diessenstraat.

Na vier jaar juvenaat in Goirle verhuisden de leerlingen naar de kweekschool van de fraters in Tilburg, "Sint Stanislaus", om daar de laatste twee klassen van het juvenaat te doorlopen. Uit een reactie van een oud-leerling blijkt dat deze twee laatste jaren juvenaat in Tilburg eveneens het begin waren van de opleiding tot frater-onderwijzer - de "eerste leerkring".

Na twee jaar in Tilburg rondden de leerlingen het juvenaat met een schoolexamen af en gingen zij, zonder diploma, naar de “tweede leerkring” van de kweekschool. Deze overgang was voor de leerlingen van grote betekenis, want de overgang van juvenaat naar noviciaat: zij traden toe tot de fratercongregatie. Dat noviciaat begon met een eenjarige proeftijd, het "postulaat". Dit postulaat moest voor eens en voor altijd uitwijzen of het kloosterleven wel voor hen was weggelegd. Zo ja, dan volgde het laatste studiejaar aan de kweekschool. Wat deze kwekelingen leerden, konden zij meteen in de praktijk brengen op een van de lagere scholen van de fraters in Tilburg.

Foto: collectie Regionaal Archief Tilburg 046470
Fraters en juvenisten in Goirle (1909). Bron: collectie Regionaal Archief Tilburg


Foto: Huub P.J. de Bont, collectie Regionaal Archief Tilburg 04647
Harmonie van fraters en juvenisten in Goirle (1915). Foto: Huub P.J. de Bont / collectie Regionaal Archief Tilburg

In 1970 ging het juvenaat van de fraters in Goirle dicht. Hoe kijk jij terug op het verblijf? Voor de ene was het misschien wel een kans om door te leren en een welkome plek van rust en routine, vergeleken met een chaotische thuissituatie. Maar het kon ook een plek zijn van grote eenzaamheid, vooral die eerste nachten op de slaapzaal zal menig oud-intern nog in het geheugen gegrift staan. En misschien had jij wel helemaal geen leuke groep en kon je het slecht vinden met bepaalde frater-docenten. Weer anderen zullen zich de vriendschappen herinneren die ze daar voor het leven sloten...

Foto: collectie Regionaal Archief Tilburg 50976
Fraters en juvenisten van kweekschool St. Stanislaus (Fraterstraat 3) en de kweekschool in Goirle (1955). De vier fraters zijn v.l.n.r. docent Nederlands frater Victor, frater Sigismund (directeur van St. Stanislaus), frater Stanislaus Kostkade (directeur juvenaat Goirle) en Petrus Nolascus (docent Frans en Engels). Bovenste rij, derde van rechts is Angelo Andrean. Bron: collectie Regionaal Archief Tilburg

Meer over Internaat St. Franciscus

 

Naar de Internatenkaart

 

Deel verhalen en foto's

Reageer hieronder, deel je herinneringen en vul deze pagina aan! Foto's zijn ook van harte welkom. Stuur ze naar info@bhic.nl, dan voegen wij ze hier toe.

Foto uit 1954, met dank aan Henk Beijers:


Klassenfoto van de scheidende studenten (1954). Voorste rij v.l.n.r. Leo Bekkers, Louis Thijssen, Chris Leurs, Kees Hems, Ad Hamers, directeur frater Marius Mars, Gerard van Eijl, Bertus de Vaan, Henk Beijers, Ad Spijkers, Wout Deliën. Middelste rij v.l.n.r. Wil Marcelis, Piet van de Pol, onbekend, Piet Hendriks, ….onbekend, ….van den Berg met armen over elkaar, Piet van Rossum [Udenhout], Mari Mommerrsteeg, Jan Hagen [†], ….vd Avoird, Ton Klomp, Theo Ekstein. Achterste rij v.l.n.r. Frans ? Martens, Ton de Koning, Ton Goossens, Toine Peeters, Ad van Drunen, Toon de Leeuw, Toon Verhallen, Ad Versteden/Verstegen.

Reacties (11)

Han Fens zei op 19 maart 2019 om 15:26
Geboren in Raamsdonksveer, waar de fraters les gaven op een lagere school en een mulo. De fraters deden uiteraard de nodige moeite om kandidaten te werven voor hun congregatie. Bovendien vonden mijn ouders, en vooral mijn moeder , het een hele eer om een zoon te hebben die in het klooster ging. Daarnaast had ik een tante zuster, die mij heel trots als "student" betitelde. Dat deed me niet zoveel. Na toelatingsexamen gedaan te hebben op de kweekschool in Tilburg werd ik toegelaten tot de voorbereidende kweekschool (juvenaat) in Goirle.
Hoewel mij ouders nu niet bepaald financieel goed bedeeld waren, werd elk trimester honderd gulden afgedragen. Later besefte ik me maar al te goed dat dit een flinke financiële aderlating was voor mijn ouders. Nooit werd hierover maar een woord gerept.
Goirle betekende voor mij niet alleen ver van huis zijn, maar ook mijn familie, vriendjes en mijn voetbalclub missen waar ik zeer aangehecht was. Ik kreeg er natuurlijk wel wat voor terug. Dat besefte ik toen niet helemaal. Het feit dat ik de kans kreeg om te gaan studeren leek een buitenkansje. Het drong toen zeker nog niet tot me door dat ik op twaalfjarige leeftijd gekozen had voor een speciale levenswijze en voor een mooi beroep. Een hele beslissing op die leeftijd. En dat heeft me later zeker opgebroken.
Het leven op het juvenaat werd grotendeels ingevuld met lessen,studie en recreëren. En dat allemaal onder begeleiding. Weinig afwisseling of fantasie waren kenmerkend.
Een maal per trimester kreeg je bezoek, waarbij mijn ouders en mijn jongste broertje naar Goirle kwamen. Dat waren heuglijke dagen. Je liet trots (zeker de eerste keer) het gebouw zien, de slaapzaal, de refter en "natuurlijk|"de kapel. Daar hebben wij vele jeugdige uren doorgebracht. Natuurlijk gingen we even het dorp in, waarbij een kleine traktatie erg welkom was.
Daags voordat we op vakantie gingen werd de avond daarvoor de puntenlijst voorgelezen. Een spannende avond, vooral als je punten minder goed waren.
Natuurlijk waren er ook een aantal hoogtepunten door het jaar heen. Minstens één keer per schooljaar gingen we te voet naar Tilburg, naar de grote Kweekschool, waar studenten (want dat waren ze dan in onze ogen) een toneelstuk opvoerden. En vervolgens werd de uitwisseling tussen Tilburg en Goirle nog eens herhaald door een omgekeerde beweging. Dan ontvingen wij de kwekelingen uit Tilburg. Helaas werd ik zelden gekozen om mee op te treden. Jaloersheid speelde zeker mee.
Verder hadden we één maal per jaar een uitstapje. We gingen dan meestal voor een sportdag, of een spelletjes dag naar Sparrenhof (landgoed aan de Bredaseweg in Tilburg).
Een dan de topdag van het jaar de kermis, die steeds georganiseerd werd door de derde (examen) klas van het juvenaat.
En na drie jaar werd de studie op het juvenaat afgesloten met een schriftelijk en mondeling examen, zonder dat daar een diploma aan te pas kwam. Wie geslaagd was, ging het nieuwe schooljaar door naar het eerste jaar van de kweekschool in Tilburg. Ging je echter niet verder, dan stond je zonder diploma. Later is daar gelukkig verandering ingekomen.
Door de jaren heen was je erg betrokken bij het wel en wee van je mede-juvenisten. Ik herinner me dat een moeder van één van onze klasgenoten vrij plotseling was overleden. Dat heeft diepe indruk op mij gemaakt.
Maar ook wanneer medeleerlingen een andere keuze maakten, en bijvoorbeeld na de vakantie niet meer terug kwamen. Of wanneer men door het jaar plotseling vertrok, vaak zonder dat je daar iets van wist en zonder dat je afscheid kon nemen.
Zo leefde je als een kleine gemeenschap met elkaar mee.
De jaren dat ik op het juvenaat zat in Goirle, heb ik gelukkig nooit vervelende persoonlijke dingen meegemaakt, zaken die de laatste jaren nogal eens het nieuws halen. Maar ik spreek helemaal voor mezelf.
Na Goirle ben ik naar Tilburg gegaan. Misschien een volgende keer een vervolg .
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 20 maart 2019 om 12:07
Beste Han, hartelijk dank voor je mooie bijdrage. Bijzonder om te lezen hoe dat moet zijn geweest voor je ouders, qua aanzien maar ook qua financiering. Ook vind ik het iedere keer indrukwekkend als je beseft dat zo'n manneke van twaalf jaar er zo alleen voor kwam te staan. Weliswaar omringd door kinderen die in dezelfde situatie zaten, maar toch zonder het warme nest dat je gewend was.

Ook het vaste stramien lijkt me enerzijds heel duidelijk voor een kind, aan de andere kant ook enorm beklemmend. Zeker ook als je zegt dat er weinig fantasie aan de lessen te pas kwam. Je relaas geeft een mooi inkijkje in hoe het destijds er aan toeging.

Ik ben eerlijk gezegd heel benieuwd naar het vervolg. Alvast veel dank voor het delen van dit verhaal.
Bertus groot zei op 26 augustus 2019 om 12:28
goedemorgen,

Ik ontdekte vandaag dat mijn vader Antonius Aloysius Marie Groot ('s Gravenhage 22 november 1890) van september 1898 tot mei 1902 op het internaat van de Fraters van franciscus van Sales in Goirle heeft gezeten. de laatste klassen van de lagere school. zijn er foto's of verhalen uit die tijd beschikbaar?
ik zou dat graag weten,

met dank voor eventuele moeite,

Bertus Groot
Noolseweg 12
1261 Ec Blaricum
0653 220 447
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 26 augustus 2019 om 13:41
Hallo Bertus, bedankt voor je bericht en welkom op de site. Leuk dat je zo bezig bent met je vaders verleden. Je zou eens een kijkje kunnen nemen in de beeldbank van het Regionaal Archief Tilburg. Als ik daarin zoek met de trefwoorden "Goirle" en "juvenaat" dan vind ik bijvoorbeel deze foto's uit de vroeger 20e eeuw: https://www.regionaalarchieftilburg.nl/zoek-een-foto/?mode=gallery&view=horizontal&q=goirle%20juvenaat&page=1&reverse=0

Maar er zijn vast nog meer foto's van dit internaat in deze beeldbank te vinden, met een combinatie van verschillende trefwoorden. "Goirle" + "fraters" bijvoorbeeld.

Maar het liefste heb je ook enkele verhalen, zoals je aangeeft. In onze bibliotheek vind ik bijvoorbeeld deze boeken, waarin het internaat en/of de fraters aan bod komen: http://www.bhic.nl/integrated?mivast=235&mizig=82&miadt=235&milang=nl&mizk_alle=goirle%20fraters&miview=tbl
Deze zijn allemaal op onze studiezaal te raadplegen.

Mogelijk kan ook de Heemkundekring van Goirle je nog van dienst zijn. Hun contactgegevens vind je hier: https://www.heemkundekring-goirle.nl/heertganghen/?page_id=508

Hopelijk helpt dit je al een beetje op weg. Bij verdere vragen, stel ze gerust!
Han Fens zei op 22 april 2020 om 10:21
In een eerste aflevering van mijn verhaal over het juvenaat in Goirle heb ik door laten schemeren een vervolg hierop te schrijven. Nu in deze stille corona tijd is daar een goede gelegenheid voor.
Na Goirle gingen we naar de kweekschool in Tilburg. Dat jaar werd de kweekschool ook opengesteld voor externen. Op het eerste gezicht zou dat een hele verandering, omwenteling kunnen betekenen. Maar dat viel achteraf nogal mee. De eerste twee jaar van de kweekschool (eerste leerkring) waren de contacten met de externe studenten minimaal. Zo nu en dan werd er een onderlinge voetbalwedstrijd georganiseerd op Villa Blanca, waar de voetbalvelden lagen van de Fraters.
Er veranderde weinig vergeleken met het juvenaat in Goirle. De lessen werden gegeven in de lokalen die deel uitmaakten van het fraterscomplex (moederhuis) in Tilburg. De vakanties werden gewoon thuis doorgebracht en ook nu werd voorafgaande aan de vakantie gewezen op de "gevaren" van de wereld. Wel was het altijd spannend om te weten wie na de vakantie niet meer terug zou komen. Immers dat hoorde een beetje bij het leven op een internaat. Natuurlijk gingen allerlei geruchten, maar de uiterste geheimzinnigheid werd in acht genomen. Heel veel vriendschappen werden dan plotseling verbroken, en medestudenten waarmee je jaren was opgetrokken verdwenen . Latere contacten werden niet gestimuleerd.
Het leventje op het juvenaat bestond uit studeren, sporten (vooral voetballen tijdens de pauzes was zeer in trek.). Men voetbalde met vier teams door elkaar heen op een speelplaats. De tv kreeg een minimale aandacht. Op zondagavond werd een enkele keer in de recreatiezaal klassieke muziek gedraaid. Deze avonden waren niet altijd even bemind bij de studenten.
Na twee jaar werd een schoolexamen (zonder diploma) afgelegd en werd men bij slagen toegelaten tot de tweede leerkring van de kweekschool. Maar alvorens dit studiejaar werd begonnen, volgde het noviciaat. Het jaar dat men toetrad tot de congregatie van de Fraters.
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 22 april 2020 om 11:04
@Hans: goed om je terug te zien en bedankt voor dit mooie vervolg. En aan het einde daarvan kondigt zich als het ware alweer een nieuw deel aan, want hoe verving het je in die fase dat je voor de keuze wel/geen noviciaat, wel of geen lekendocent stond? Kozen daar veel kwekelingen voor of was het toch vooral de lekenwereld die lonkte?
Han Fens zei op 1 mei 2020 om 12:03
Beste Thijs,
Je daagt me uit om een vervolg op mijn verhaal te schrijven. Ik doe mijn best. We traden met ongeveer 20 novicen in. Onder die 20 nieuwe novicen waren twee Belgische novicen. Deze gingen later, na een jaar noviciaat, terug naar België om daar hun onderwijzersopleiding af te ronden. Want België had en heeft nog een fraters-afdeling. In de noviciaat werden de novicen vooral voorbereid op hun toekomstig kloosterleven. Men volgde geen kweekschoollessen, maar veel bezinning, meditatie, gebed stond op het programma. Voor een groep ingetreden novicen bleek het kloosterleven niet haalbaar te zijn en men vertrok. Meestal ook weer op dezelfde manier als dat op de kweekschool gebeurde. Zonder dat de andere novicen daarover geïnformeerd waren. Wat ook vaak een probleem was met deze jonge mensen dat ze vertrokken zonder diploma. Op het juvenaat werd destijds geen diploma uitgereikt en ook na de eerste leerkring kreeg men geen diploma. Gelukkig waren er kweekscholen waar men terecht kon en gewoon verder kon studeren in de tweede leerkring.
Na een jaar noviciaat werd een tijdelijke gelofte gedaan. Deze gelofte werd gedaan voor één jaar, en men woonde dan op het aspirantaat. Telkens werd na een jaar deze gelofte herhaald, totdat men na vijf jaar de eeuwige belofte deed. Maar ondertussen was de groep aardig uitgedund. In die jaren zag men dat de aanwas nieuwe fraters aardig terug liep. Het was de tijd dat ook priesters het ambt verlieten. Denk maar aan Huub Oosterhuis.
Na het behalen van de hoofdakte (derde jaar aspirantaat) kreeg men van het hoofdbestuur van de fraters een werkplaats aangewezen. Op die morgen (meestal 15 augustus) kregen deze toekomstige docenten een gesloten brief uitgedeeld, die men in de kapel moest openen. En daar stond in wanneer en waar je je moest melden om te gaan werken. Mijn standplaats was Oss. Persoonlijk zei Oss me niets, ik had daar geen kennissen, geen bekende collega`s. Het was een volkomen sprong in het duister. Spannend, maar het wekte wel je nieuwsgierigheid. Ik weet nog goed toen ik naar Oss ging, een neef van mij uit Raamsdonksveer, bracht me naar Oss. Toen ik daar aankwam stond men niet in de rij om me te verwelkomen, nee dat hoorde bij het leven van een kloosterling. De overste ontving me en leidde me rond, vertelde in het kort de regels van het huis en wat hij me op het laatst meedeelde zal ik nooit vergeten, "De eerste school zal je het langst bij blijven, vooral in positieve zin. Doe je best". En regelmatig heb ik aan deze wijze woorden gedacht. De vijf jaar dat ik in Oss heb gewerkt, waren geweldige jaren. Nu nog heb ik contact met oud-collega`s uit Oss.
Later ben ik naar Tilburg gegaan en vervolgens naar Utrecht. In Utrecht ben ik tenslotte uitgetreden. Vaak kreeg je dan het predicaat opgeplakt dat er een vrouw in het spel was. Dat was bij mij niet het geval. Ik zag mijn verdere toekomst niet weggelegd in het klooster. Mijn medebroeders in Utrecht, waar ik overigens een goed contact mee had, waren over het algemeen nogal wat jaren ouder dan ik. Ik ben daarna zeker 15 jaar alleenstaande gebleven, totdat ik in Slovenië mijn huidige Nederlandse vrouw ontmoette.
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 4 mei 2020 om 12:39
Wat een verhaal, fijn dat je dit vervolg hebt willen schrijven Han. Wat er voor mij o.a. uitspringt is dat plechtige moment waarop jullie dus die brief kregen op de 15e augustus, een brief dus die heel bepalend was voor hoe de rest van jullie leven eruit zou gaan zien. Waar je ook heen werd gezonden, dat had je dus ook gewoon maar te accepteren, begrijp ik er tenminste uit.
Het is voor mij lastig om je niet opnieuw "uit te dagen", want zo'n uittrede die leent zich toch ook voor een verhaal. Da's allicht voor een latere datum en misschien teveel terzijde... maar was dat niet een hele opgave om dan ineens weer in de lekenwereld te staan, vooral na zo lang in een compleet andere wereld te hebben geleefd (ik zal niet meteen zeggen "geslotener wereld" want dat viel bij jullie dus wel mee ook door die onderwijstaak).

Voor nu: bedankt! en heel graag tot ziens op de site.
Leontien Tiddens zei op 7 oktober 2021 om 15:06
Mijn grootvader, Hendricus Petrus Jacobus Brautigam (1895-1944) is van 27 Jan 1906 tot 4 april 1908 in de burgerlijke stand van Goirle in het Fratershuis ingeschreven en daarna tot 4 augustus 1908 in het Fratershuis in Tilburg. Kennelijk heeft deze ‘juvenist’ zijn opleiding voortijdig afgebroken.
Zijn er misschien nog leerlingdossiers bewaard gebleven?
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 11 oktober 2021 om 10:58
Dag Leontien, dat durf ik je zo niet te zeggen maar mijn collega Thijs is hiervan veel beter op de hoogte. Het kan even duren maar hij komt er zeker bij je op terug.
Leontien Tiddens zei op 11 oktober 2021 om 11:18
Dank voor je reactie, Marilou, dan wacht ik het rustig (maar wel heel benieuwd) af.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!