skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Stef Uijens
Stef Uijens RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Stef Uijens
Stef Uijens RA Tilburg

Koken op de Leuvense Stoof

In de Goeikamer stond de Leuvense Stoof, de enige warmtebron in huis, gestookt met antraciet, eierkolen of hout. Daarbij werd de stoof gebruikt voor het bereiden van de warme maaltijd en het verhitten van water voor de afwas en de beddenkruik.

Voordat het water in de roodkoperen ketel kookte, hoorde je de inhoud ‘zingen’, vervolgens kwam er waterdamp uit de tuit. Op dat moment werd een gehaakt katoenen netje met eieren in de ketel gehangen. Moeke schatte de kooktijd in. Als de eieren klaar waren, werd het kookwater voor koffie of thee opgegoten. De waterketel had een zak die in het vuur hing. Hierdoor kwam het water sneller aan de kook.

 Koperen ketel

 De gietijzeren ketels voor het bereiden van de warme maaltijd waren aan de binnenzijde grijs geëmailleerd en aan de buitenzijde zwart. Voor het hete hengsel gebruikte Moeke haar skòlk, en ontbrak een ontluchting voor de wasem. De koekenpan was voor het bakken van de aardappels, pannenkoeken en balkenbrij en in deoorlog om rogge te branden voor surrogaatkoffie. 

Het eiernetjeOp de dag werd vier maal gegeten, waarvan ‘s middags en ‘s avonds warm. Bij het koken werd als stookmateriaal houtafval uit het werkhuis van vader gebruikt, waardoor de ketels aan de onderzijde extra beroet werden.

De kookplaat had twee openingen, die werden afgesloten met ringen van verschillende grootte waardoor er plaats was voor iedere maat ketel. De ringen werden verwisseld met de pook die aan de leuning hing. De bovenplaat was ideaal voor het warmhouden en laten sudderen van de maaltijd. Hij was dikwijls bemand met de koffiepot met een restje en de waterketel, altijd warm water bij de hand. Bonen-, erwten- of bouillonsoep waren pas goed als ze een dag lang op de plaat hadden staan trekken. Bonen en erwten waren eerder een nacht in regenwater geweekt.

Het ‘trummelke’, een dunne stalen plaat met handgreep, diende voor het roosteren van het vochtige, op de keldervloer bewaarde, eigen gebakken roggebrood. De oven was voor het bakken en rijzen van brooddeeg en het oliebollenbeslag, om de voeten te warmen en klompen te drogen. Voor meer warmte in de ruimte stonden de deurtjes vaak open.

Het trummelkeHet vertrek had een Bordeauxrood geschilderde plankenvloer zonder vloermatten. De stoof zorgde voor een aangename warmte, terwijl de gietijzeren voet veilig op een zwarte stalen geëmailleerde plaat stond. In de winter verstookte men gemiddeld 30 mud kolen, de inhoudsmaat van een mud kolen is ongeveer 100 liter.

Als ik in de winter op weg was naar kerk of school, gekleed in driekwart broek, had ik het soms flink koud en dacht ik: vanavond zit ik de hele avond bij de kachel. De stoof stond op de expositie  Gezin XXL : Een huis vol broers en zussen in 2014 in Het Noordbrabants Museum in Den Bosch. Eerder schreef ik: Geschaard rond het kolenvuur en dat is nu allemaal verleden tijd. Na de kolenkachel ging de gloeilamp uit en nu gaat in de kerk de (was)kaars langzaam uit.

Reacties (15)

Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 27 januari 2015 om 00:42
Rini ik heb 'n leuke herkenning bij 't woord werkhuis. Ik heb uit 'n ander verhaal van je begrepen dat je vader o.a. karwielen e.d. maakten, dus werken met hout.
Ik kwam vroeger veel over de vloer bij de Familie van 't timmerbedrijf de gebroeders van Lankvelt ( de Tieskes) in Kerkstraat - Noord te Boekel. Die hadden ook 'n gebouw waar allerlei machines stonden om hout te bewerken, dat ze ook het werkhuis noemden. Ik vroeg me nou af of dit woord alleen gebruikt werd bij beroepen die hout bewerkten. Ik kan me zo voorstellen dat bijvoorbeeld 'n klompenmaker ook 'n werkhuis had.
Echter 'n smid had 'n smederij, 'n bakker had/heeft 'n bakkerij, 'n boer had/heeft 'n boerderij, 'n molenaar had 'n molen / maalderij. maar 'n houtbewerkend beroep had 'n werkhuis.
Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 27 januari 2015 om 01:00
Ik moet m'n gedachtengang al bijstellen, want je had inderdaad ook de zagerij en de klompenmakerij. En kan me voorstellen dat bijvoorbeeld de schoenmaker dan wel geen werkhuis had maar wel z'n werkplaats.
Rini de Groot zei op 27 januari 2015 om 22:48
Gerard, bedankt voor je reactie het brengt mij een idee voor een nieuw verhaal.
Op de tekening van zijn hand in 1914 geeft vader de benaming van de werkruimte aan met: Timmermans werkplaats met ook diezelfde deurvorm. Bestaand uit twee naar buiten openslaande deuren.
Dat Vader op de huidige locatie in 1935 bouwde werd altijd over het ‘Ut Twerkhuis’ gesproken.
Het is typische aan de deurvorm zag ik altijd dat er een Timmerman gevestigd was.
Bij Van Lith in Erp had men een Timmerwinkel .
Rini de Groot zei op 29 januari 2015 om 09:43
Noël Heynickx uit Bree over de Leuvense stoof. September 2007
“Mijn broer werd in 1951 op kerstdag geboren, (zoals zijn voornaam, Rini) meer dan twee maanden voor de geplande datum. In die tijd waren er nog niet zoveel couveuses. Men moest dan al naar Hasselt, van Bocholt uit was dit 40 km en men had geen auto ter beschikking. Mijn moeder legde mijn broer die toen nog maar 1,7 kilo woog in een schoendoos die gevuld werd met watten en zette die in de oven van de Leuvense stoof. Zo heeft hij daar een hele tijd doorgebracht. Mijn broer is nu 56 en maakt het nog steeds goed. Het warm houden van premature baby’tjes was inderdaad een levensreddende toepassing van de plattebuiskachel. Meestall werd de schoendoos onder de kachel geschoven, want in de oven kon het al eens te warm worden.
Martien v. Dooren zei op 22 maart 2015 om 11:55
mijn Oom en Beek en Donk had ook een plattebuiskachel, aan de zijkanten was een stang waar de was werd gedroogd , mijn Oom zetten zijn voeten wel eens op het onderste gedeelte om ze te warmen , in het ronde stookgedeelte was aan de voorkant een klein gaatje waar hij de pook wel eens doorstak om het vuur aan te wakkeren. hij had een busseltje houtjes , vimpen of zwevels genoemd die gebeukte hij om zijn pijp aan te stoken . door er een in het gaatje te steken , ze werden met een touwtje bij elkaar gehouden dat met een ijzeren ring was verzwaart. dat was uit zuinigheids overwegingen zulk een busseltje met touwtje en ring heb ik aan het Boerenbondsmuseum in Gemert gegeven en hang aan de platte buis kachel .
als mijn Oom de pijp aangestoken had werd werd de vlam van de vimp tussen duim en vijsvinger uitgemaakt en de vimp weer in het busseltje gestoken.
die mensen waren vindingrijk .
zijn specialtijd was scheermessen ,, aanzetten ,, op en leren riem. dat deed hij veel voor andere mensen.
Rini de Groot zei op 26 maart 2015 om 19:44
Martien,
je hebt het duidelijk beschreven ik zie de handeling nog door mijn vader voormij.
In het Werkhuis maakte hij ‘spontjes’ die samen gebonden werden en verzwaard.
Thuis in Uden heb ik de situatie bekeken en er een foto van die kleine opening. gemaakt
De foto stuur ik naar BHIC.
Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 27 maart 2015 om 15:21
Prachtige verhalen over de plattebuiskachel. Ook die van de Leuvense stoof als kerskribbe voor Noël! En al vast dank voor de foto.
Rini de Groot zei op 27 maart 2015 om 16:22
Annemarie,
bedankt voor de tip.
Met Kerstmis de foto van de bemande oven,
een gevulde schoendoos als Kribbe
M. G.v. Dooren zei op 30 maart 2015 om 17:47
Een stoof is een houten kistje dat aan een zijkant kant open is. en met twee ovalen gaten in de bovenkant. die gaten waren om de warmte door te laten dat was zo uitgevoerd dat het als handvat dienst deed. in de stoof werd een metalen of koperen bakje gezet waarin gloeiende houtskolen of een briket werd gelegd.
De stoof stond in ,, den herd ,, meestal voor de grote stoel, avonds na het werk werden de klompen uitgetrokken en de voeten op de stoof gezet om die zo te verwarmen.
In veel gevallen was de stoof wat versierd met geprofileerde randje s .
Bij ons in Gemert was een alleen staande oudere Vrouw die had schijnbaar geen zin om houtskool te sparen of te kopen . ze had een klein ( ,, bronolie ,, ) petroleum lampje in de stoof gezet en hing haar wijde rokken over de stoof. om zo veel mogelijk warmte op te vangen.
Ze stonk een uur tegen de wind in van de petroleum lucht.
Zuinigheid kende voor sommige mensen geen grenzen.

opgeteld door.
Martien v. Dooren
Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 31 maart 2015 om 11:22
Deze variant had ik nog nooit gehoord, Martien.. dit laat niets aan de verbeelding over!
Ik keek even op internet naar spreekwoorden met het woord 'stoof'. In Lommel kwam ik tegen ' Zèkt nü de STOOF üt ! als uitroep van verbazing..
Martien v,. Dooren zei op 2 april 2015 om 18:51
graag zou ik willen corresponderen met leden van Bhic om meerdere verhalen te publiceren , de bedoeling is de verhalen zo goed mogelijk over te laten komen
nu heb ik een brede belangstelling vooral voor dingen en gebeurtenissen van vroeger zoals gebruiksvoorwerpen gewoonte s liederen voordrachten en veel meer
daarbij ben ik gezegend met een goed geheugen .
ik verzamel veel onder het ,, motto dat het niet verloren gaat ,,

Martien v. Dooren
Rini de Groot zei op 2 april 2015 om 20:14
Martien,
ook ik denk er zo over daarom mijn verhalen (150)
Graag zou ik contact komen,
vraag bij BHIC mijn email adres.
Rini. zei op 1 januari 2017 om 22:48
Annemarie,
de ‘gevulde oven’ had ik beloofd, dan de volgende Kerst.
Een tweede betekenis ‘onder in de bedstee’

Martien, de petroleum werd bij ons Bromolie genoemd
als verklaring, de pit bij het branden een snorrend geluid geeft.
Ik denk eerder het woord verkeerd verstaan, Bronolie klinkt logischer.
Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 2 januari 2017 om 00:19
Bromolie : petroleum voor de lamp en de stoof
Brommobiel : is volgens de Nederlandse wet een bromfiets
Rini. zei op 30 augustus 2017 om 23:00
Vandaag werd me verteld dat regenwater eerder kookt dan leidingwater,
wie doe de proef.?

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!