skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Saskia Green
Saskia Green Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Saskia Green
Saskia Green Bhic

Vlijmen in vogelvlucht

In 1858 beschrijft J.L. Terwen in zijn boek "Het koningrijk der Nederlanden, voorgesteld in eene reeks van naar de natuur geteekende schilderachtige gezigten" Vlijmen als één groot dorp, 'waarvan de huizen, onder welke aanzienlijke woningen en boerderijen, zeer uit elkander verspreid liggen, zoo dat de eigenlijke kom slechts uit zes huizen bestaat'. Maar Vlijmen gaat verder terug dan de negentiende eeuw.
Bestuur

Tijdens de late Middeleeuwen en het Ancien Regime had Vlijmen een eigen schepenbank die ook de hoge jurisdictie mocht uitoefenen. De heerlijke rechten over het dorp Vlijmen waren in handen van de heer van Heusden die ze op zijn beurt van de Brabantse hertog in leen had. Deze verkocht de heerlijke rechten over stad en land van Heusden in 1334 aan de graven van Holland. Zo kwam het Brabantse Vlijmen tot 1795 staatkundig aan het graafschap en later het gewest Holland. Desondanks bleef Vlijmen geografisch een integraal deel uitmaken van de vanaf dan in een Brabants en een Hollands deel gescheiden Langstraat, het gebied gevormd door de reeks dorpen die in een lint tussen 's-Hertogenbosch en Geertruidenberg liggen .

De gemeentelijke herindeling van 1935 voegde Nieuwkuijk en een deel van de gemeente Hedikhuizen bij Vlijmen. In 1997 ging Vlijmen op in de nieuwe gemeente Heusden.

Bevolking

De bevolkingsontwikkeling ging in het derde kwart van de negentiende eeuw redelijk vlot, maar stagneerde in het laatste kwartaal van deze eeuw enigszins. De groei was hoofdzakelijk een gevolg van een natuurlijke bevolkingsaanwas, want de migratiebalans sloeg overwegend door naar een vertrekoverschot. De landbouwcrisis in de jaren tachtig van de negentiende eeuw was hier voor een belangrijk deel debet aan. Het negatief vestigingsoverschot hield aan tot in het interbellum.

Middelen van bestaan

Aanvankelijk leefden de Vlijmenaren vooral van de schapenteelt, maar later kwamen daar ook andere agrarische bezigheden bij. Tot in de Twintigste eeuw bleef de landbouw voor Vlijmen duidelijk het voornaamste bestaansmiddel. Onder de geteelde gewassen nam de hop de belangrijkste plaats in, maar al kort na 1900 verloor dit product haar positie als gevolg van een daling van zowel de prijs als de kwaliteit van de hopbellen.

Aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog haalde de hopoogst amper 20% van wat er in 1900 werd verbouwd. In het kader van de crisis in de jaren dertig opgestarte experimenten om de hopteelt nieuw leven in te blazen liepen op niets uit. De Tweede Wereldoorlog betekende de definitieve doodsteek voor het ooit voor de streek zo belangrijke gewas.

Binnen de veeteelt was het pluimvee het sterkste segment. De varkenshouderij was relatief onbelangrijk. Dat het aantal varkens in de twintigste eeuw sterk afnam kwam waarschijnlijk vooral doordat het aantal huishoudens dat 'een varken achter het huis had' verminderde. Globaal was de verdeling 30% bouwland, 65% grasland 5% tuinbouw.

De agrarische dominantie had ook haar invloed op de Vlijmense handel. Zo valt in het gemeenteverslag over 1920 te lezen dat de handel zich hoofdzakelijk beperkte tot vee, tuin- en landbouwproducten. Deze werden hoofdzakelijk op de veiling verhandeld, nog slechts een klein deel werd in dat jaar op de Bossche markt aangeboden. De winkelnering was in dat jaar 'van weinig betekenis'.

Behalve de landbouw was men name de mandenmakerij van groot plaatselijk belang. Veel landarbeiders vonden hier in de winter emplooi. In 1930 werkte zelfs 75% van de beroepsbevolking in deze bedrijfstak, in de jaren vijftig was de mandenmakerij nagenoeg verdwenen. Vergeleken met de rest van de Langstraat was de leer- en schoennijverheid in Vlijmen van weinig betekenis. Na de Tweede Wereldoorlog trok het gemeentebestuur doelbewust nieuwe industrie aan.

Religie

Hoewel de bekende zeventiende-eeuwse calvinistische theoloog Gisbertus Voetius in Vlijmen predikte, bleef het dorp toch overwegend katholiek. Dit was vooral een gevolg van de inspanningen van de norbertijnen van Berne. In de provinciale almanak van 1955 stonden de namen van de gemeenteraadsleden opgesomd met als toevoeging 'allen K.V.P'. In 1960 was ruim 90% van de bevolking katholiek.

Reacties (11)

Bert Meijs zei op 21 augustus 2020 om 13:31
Aanvankelijk leefden de Vlijmenaren vooral van de schapenteelt

Waarom dit hier staat weet ik niet, maar het is vlgs mij niet juist. In de enqueste van 1494 en de informacie van 1514 wordt met geen woord over schapenteelt gesproken.: "dat zij hem generen principalycken
mit lantelinge ende met wat koeien te houden"
Ook Groen schrijft er niks over.

Vooral de hopteelt was een belangrijke bron van inkomsten tot begin 1900
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 24 augustus 2020 om 09:36
Dank voor je oplettendheid en deze aanvulling, Bert. Goed dat je wijst op dit belangrijk bestaansmiddel voor Vlijmen en haar inwoners.

Het verhaal is alweer van een flink aantal jaren geleden, mogelijk zou dat er mee te maken hebben? Hoe dan ook is het fijn dat je dit hebt aangevuld.
Kees Kardol zei op 31 januari 2021 om 00:34
vlijmen had ook verschillende Bierbrouwerijen en zaadhandel 2 en een leerlooierij en de vele mandemakers die thuis werkte en vergeet de koekfabrieken niet
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 1 februari 2021 om 09:38
Goeie aanvulling, Kees, dank daarvoor. Over welke tijd spreek je dan (ongeveer)? En koekfabrieken: dus er waren er meerdere? Praat je ons verder bij?
Kees Kardol zei op 1 februari 2021 om 19:53
Mandemakers en leerlooiers & Bierbrouwers tot eind jaren 50 / 60 en de groente-veiling & Melkfabriek jaren 1960 en 2 zaadhandel eind jaren 70 daarna verhuisd naar Zeeland & Groningen ?
Koekenbakkers bestaan nog met de vergulde krakeling en de Bolussen ?

Markant dat ieder dorpje eigen Bierbrouwerijen had en een eigen groente-veiling en een eigen Melkfabriek met melkbussen zonder koeling ?
Al deze kleine eenheden werden opgeslokt door de kapitaal-krachtige groot-machten die met gekoelde vracht-autoos alles centraliseerden ?

Het vee ging naar de veemarkt in Den Bosch maar door de varkens-pest en vogelgriep en Runderen- mond - en klauwzeer mag dat niet meer bij elkaar komen en de paarden-markt is ook niet meer?
Zunde en Jammer
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 2 februari 2021 om 12:06
Veel veranderingen, Kees, zoveel is duidelijk. Veel dank voor je aanvullingen en dit bericht.
Herman van Cor van Maontjes zei op 27 februari 2021 om 18:47
Vlijmen was inderdaad bekend om zijn mandenmakers. De Firma Verboord was een grote. In de Achterstraat, tegenover Gielbartjes, naast Mevrouw Panis, was een groot terrein waar "huisjes" stonden van wilgenhout (?). God, wat hebben we daar veel gespeeld 60-65 jaar geleden :-). Ik kan me nog herinneren dat Piet van Ooijen begraven werd (hij was van het Café tegenover Mommersteeg op De Wolput) op een kar met paard ervoor en dat er ook een grote rieten hoed aan te pas kwam. Jan van Vlijmen, die naast Marie Meijs woonde (Marie Meijs woonde weer naast ons), zat vaak achter het huis manden te vlechten (als ie geen kip aan het slachten was die ie nog even liet vliegen als de kop eraf was). Mommersteeg en van Engelen Zaden waren grote bedrijven voor Vlijmen denk ik. Wagenberg Festen. De "fraaiste" (als ik dat zo mag zeggen) die ik me kan herinneren was de grote brand daar. Je zag de stalen balken gloeiend buigen en op de grond terecht komen. Marktveld, waar nu de RABO staat. Ovito, ook een bedrijf dat lang in Vlijmen bestaan heeft. De koekfabriek op de hoek van Burgemeester van de Venstraat. Daelmans, nog steeds meer dan bekend. De melkfabriek was ook een levendige bezigheid. Kwa Bierbrouwerij had je natuurlijk de Bierbrouwerij van Cormans (t.o. Hotel Prinsen). Opzeeland Transport en nog een grote (ik denk nu Dries de Kop, maar weet niet waarom). Diverse bedrijven Kivits in de groenten & fruit. Ook van Kuijs meen ik. Pulles Olie. Wat vergeet ik?
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 3 maart 2021 om 12:05
Hallo Herman, ik weet niet wat en of je iets vergeet, maar deze herinneringen zijn prachtig en beeldend verwoord. Je weet de jaren vijftig/zestig heel mooi weer tot leven te brengen! Ik vermoed dat heel wat oudere Vlijmenaren je verhaal herkennen. Dank voor het delen.
Marie van de Middelhaai zei op 3 maart 2021 om 17:32
Aan Bert Meijs:
In het boekje 'Historie van Vlijmen' in 1972 uitgegeven door Heemkundekring Onsenoort staat te lezen dat Vlijmen al in het jaar 962 gesticht zou zijn door de Heer van Heusden. Gevonden aardewerkscherven nabij de Hongerenburg zouden deze ouderdom bevestigen. Er was ten westen van Vlijmen tot de 16/17de eeuw sprake van een groot heidegebied nabij de Konijnenberg, misschien dat men in die tijd van schapenteelt leefde? Ik heb van horen zeggen dat het vermoeden bestaat dat de Heisteeg die door dat hele heidegebied liep (van de Kafuinensteeg onder de Konijnenberg langs richting oosten) een oudere doorgangsweg zou zijn dan de Langstraat via de Wolput- Heistraat. Die heide is vanaf de 16de eeuw ontgonnen, misschien is men toen van schapenhouderij overgegaan op landbouw?
In Nieuwkuijk was een Schapensteeg, ik weet niet of dat een hele oude naam betreft. De naam Wolput zou ook met schapenteelt te maken hebben, wordt gezegd, hoewel in het cijnsboekje uit 1581 van de parochie Vlijmen wordt gesproken van op d’n Wolvenput ipv Wolput. In het notitieboekje van pastoor Syardus Joris staat in 1679 Wolput geschreven, maar in 1689 Wolffput (archief abdij van Berne). Dus misschien heeft die naam wel met een wolf te maken?
Wellicht is er nog wat graafwerk nodig naar hele oude Vlijmense tijden?
Jan de Groot zei op 5 maart 2021 om 10:31
Reactie op ingezonden bericht van (lagere-school-vriend) Herman van Den Dungen (van Cor van Moantjes): de door hem genoemde bierbrouwerij heette Brouwerij 't Hert. En voor wat betreft mandenmakers: mijn opa ( "Hasje Koks") was mandenmaker, Hij vlocht o.a. de wieg waarin ik bijna 71 jaar geleden lag te krijsen. Maar daarnaast had hij zijn "hof" waarin hij een gewas teelde dat typisch was voor de vaak schrale zandgrond in Vlijmen: bonen, vooral sperziebonen en snijbonen. Deze bracht hij dan in grote kisten naar de Veiling van Vlijmen, die lag tegenover het station. Dat is ongeveer waar nu de Burgemeester van de Wielstraat ligt. Veel van deze bonen gingen naar de conservenfabriek van Wagenberg-Festen (niet te verwarren met de schoenenfabrikant) in Heusden. Deze heette Jonker Fris. Ik weet dat in de zomer hele families als (bij)verdienste met de hand vele kilo's snijbonen "onthaarden" voor deze fabriek, zoals dat in het noorden gebeurde met het pellen van garnalen.
Bert Meijs zei op 6 maart 2021 om 19:10
Er zullen wel mensen geweest zijn met schapen, maar om te vermelden dat men leefde van de schapenteelt is erg overdreven. Ooit heeft iemand dat opgeschreven en iedereen neemt het klakkeloos over

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: