skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

Notaris-, schepen- en andere akten

Notaris-, schepen- en andere akten

Met "Notaris-, schepen- en andere akten" zoek je in een groeiend aantal samenvattingen van akten van notarissen en schepenbanken in het noordoosten van Brabant. En bovendien in de akten van diverse andere instellingen met betrekking tot Brabant (Raad en Rentmeester Generaal der Domeinen, Leen- en Tolkamer, Raad van State en Staten-Generaal). Alle akten betreffen de periode van de 15e t/m de 19e eeuw.

Van veel akten zijn scans beschikbaar. Als een akte nog niet is gescand, kun je meestal gebruik maken van onze gratis service scannen-op-verzoek. Meer info >

Wil je weten welke bronnen al beschikbaar zijn, nieuw of in bewerking? Bekijk dan het complete overzicht. Wat zit er in? >

Veel samenvattingen zijn gemaakt door onderzoekers en vrijwilligers, die hun bestanden ook aan ons hebben gegeven. Zo zijn deze voor veel mensen makkelijk te vinden. Heb je ook bestanden die je via onze website wilt delen? Leuk! Neem dan contact met ons op: info@bhic.nl

> Meer info over notariële archieven

> Algemene hulp en zoektips

Filter: Keulenx
beacon
17  notaris-, schepen- en andere akten
sorteren op:
 
 
 
 
Schepenakte
206a [VERVOLG AKTE] en die naest een opt piesantie boeck te doen setten ende te geven ijgelijcken priester die present is ende misse ende vigilie helt twee stuvers den custer eenen stuijver ende den vier choralen eenen stuijver t’samen alle [749] jaer die rest van de twintich gulden tot vier keersen van was opte vigilie te gebruijcken ende voor die fabrijcken Sint Jans ende wil Leenert Gillis als hij gestorven is der fabrijcken Sint Jans van den Bosch ende te Gemert ende de vier biddende orden ende Onser Liever Vrouwe van Haendel iegelick eenen stuiver eens gegeven hebben ende datmen Lenert Gillis ende Heer Aelbrecht in een gracht [graf?] onder den cercksteen [zerksteen] neven den altaer presentationis Mariae [feestdag 21 november volgens Grotefend] inder kercke van Gemert begrave met betaemelicke utvaert ende belech… ende allemael op haer beijder begraeffeniss vigilie halden voor Heeren Aelbrechtt den anderen daechs als hij opden ordene wijse begraven is off als die ses weecken om sijn ende op haer begraeffenis bijt gracht altemael te spijnenvoor dertthien dalder armste menschen van Gemert waerover der Lenert ende Marie crinden den ….. hebben sullen ijgelick die voor die siel comen bidden een coopbroot van derthien ponden ende dese stuvers eens ende begraeffenis ende vigilie met utvaert opden begraeffenisdach maect Lenert ende besunder te geven uijt die gueden die hij besith ende en gaen den twintich gulden niet aen – ten lesten sullen die tsestich gulden die rest van de vijffhondert gulden sijn tot een jaerlicx dergelijcke spijn als voorseijt is op Lenert Gillis [749r] jaergetijt metten sijnnen voors. ende dat jaergetijt metten [s]pijn sal soo lanck Lenert Gillis leeft gehalden worden s’anderdaechs naer Sinte Thomas asls Maria sijn huijsvrouwe sterff ende sal anno 1599, beginnende ende lichtmis daer naer naer 1600 eerstmael vallen, alles met dese conditie dat aff quaem dat het jaergetijt, de misse nae het sermoon niet onderhalden en worden noch oock den sanck,
Vervolg:
soo wil Leendert voors. dat evenwel die spijn ende beurse voortgaen sullen ende dat het spijngelt van de weckmisse ende vigilie sal geaddeert worden utgemomen wat voor die rkerckmrs. pastoors ende naeste bloet arbeijdt ende opsicht is, te weten acht stuvers ii st. jaerlicx ende voor de reste keese te gelden ende met den broer boors. te spijnden op ijgelick een pont off soo veel d’uijtbrenght ende sullen dier kerkmrs. altijt te vooren met raet als naest bloets ende pastoors darthien brieffkens der armen geven die t’broot haelen ende den dienst sullen comen hooren ende off quaem dat die beurs voors. niet onderhalden en worden nae den teneur voors. ende wille van den voors. fundateurs soo sullen in sulcken gevalle Lenerts voors. vrienden die vier hondert gulden mogen aenslaen ende onderlinge deijllen onbecroont van iemanden, maer die spijn [750] wil hij euwelick gehalden hebben opdat al te beter gehalden werde, soo wil ick fondator dat hier van den instrumenten autenticq gemaect worden ende voort naeste bloet, een voor de kerckmeesters als executeurs ende een voor den pastoor als opsienders ende soo eene van thenne verlore dat die ander hem copye geven sullen, opdat een den anderen daermede can dwingen alle te voldoen ende stedich te houden wat geseet is ende omme dieswille soo hebben Lenert gen. kinderen ende swagers voorgenoemt als proprietaris t’selve wat voorseijt is met haeren vader gelaudeert ende niet gefundeert op hen ende henne goeden ende ervenal sonder argelist, aldus gepasseert ende geschiet binnen den dorpe van Rixtel ten woonhuijse van mij notario gestaen aen D’eijcxken ten dage maende jaer ende indictione ut supra in presentie vande eerbare personen Heer Dionijs van Roij ende Gemert, Pauli Conincx getuijgen hier toe geroepen ende sonderlinge gebeden –
Vervolg 2:
onder stont ende in presentie van mij als openbaer notarius byden Raede van Brabant geadmitteert insgelijcx gebeden ende versocht wesende alle t’selve onder [750r] mijnen naem ende hantteecken notariael Thomas Paili Regis – accodeert dese copie metten principalen fundatie geschreven in pargament – Oirconde bij mij als substituijt secretaris in Gemert onderteeckent ooirconde J. V. Haest vice secr. – naer collatie is deze copye met seeckere ander copye accorderende bevonden in s’Graevenhaege den 2e january 1654 bij mij …Rietraet notarius publicus 1654.
Persoon in schepenakte:
Dionijs van Roij  
Thomas Paili Regis  
Vrouwe van Haendel  
Leenert Gillis  
Lenert Gillis  
Aelbrecht  
Pauli Conincx  
J. V. Haest  
Datering:
26.1.1599
Pagina:
746-750
Soort akte:
Testament
Plaats:
Rome / Gemert / 's-Hertogenbosch / Leuven / Keulen / Rixtel
Toegangsnummer:
220
Inventarisnummer:
37
Bron:
Beurzenstichtingen
 
 
 
 
 
Schepenakte
206 Inden name ons liefs Heeren Godts Almachtich amen bij den teneur van desen openbaren instrumente sij condt ende kenne[lijck] eenen iegelijcken die t’selve sal sien ofte hooren lesen hoe dat inden jare desselfs ons Heeren duijsent vijff hondert negentich negen den ses en twintichsten dach der maent van jan:[uary] indictione xii inden pausdomme ons alderheijlichste vaders en Heeren Clements byder Godlijcker voorsienicheijt Paus van Roomen die achste van dien naem, inden achsten jaer sijner coronatien voor mij openbaer notarius byden Rade van Brabant geadmitteert ende den getuijgen hier onder geschreven, gecompareert die seer Eerbare discrete ende deuchsame persoon Lenart Dilis van Strijbosch geassisteert met oock den eersamen ende godtvruchtigen Here ende Meester Aelbrecht van Strijbosch Duits oirdens pastor der kercken ende rector der nieuwer scholen tot Gemert ende Leenert Lenersse van Strijbosch sijnne twee soonen met noch Simon Ansem Daniels ende Jan Aert Mickers beijde synne swageren ende alle ingesetenen der heerlijckheijt Gemert ende Bosch crijsdoms, alwaer Leenert Dielis voors. als tochter met expressen wil consent ende aggreatie vande selve sijnne voors. kinderen ende swagers proprietarissen uijt ende van sijnne goederen die [747] hij is besittende, heeft bij goeder rijper deliberatie ende welbedachten sinnen geordoneert, gefundeert, geassigneert ende beseth, ordonneert, fondeert, assigneert ende beseth bij desen tot eender pie Godtvruchtig insettinge ter eeren ende onderhout Godtsdienst ende der armen salicheijt sijnder sielen eene somme van vijff hondert Brabants gulden ende die selve voors. penningen te beleggen oft renten oft andere goede gronden om erven te copen nae de goede discretie vande kerckmeesters van Gemert daer van de vier hondert gulden te beleggen tegens sesse gulden vijff stuivers maecken tsamen vijfentwintich gulden jaerlicx sal wesen tot erectie oft fundatie van eender bursen ende tot behulp van eenen student van Lenaert voors.
Vervolg:
ende sijne overleden huijsvrouwe zaliger (?) Marien Aelbrechts van Haendel alias Versantvoort daer inne nochtans Lenaert voors. sijde ofte geniture ceteris puribris preferentie sal hebben, welcke student aleer hij sal capax derselver sal moeten wesen van twaelff jaeren oudt ende bequaem om sintaxin te hooren ende leren ende welcke studentn ter leringe ende proffijt van voors. beurse gecomen sijnde sal gehouden wesen alle dagen sonder eenige versuijmeninge te moeten lesen opden [747r] fundateur cum suis den psalm miserere mei Deus cum de profundis mette colecte retributor omnium bomorum etc. ende sal die selve student hier tot Gemert ten Bosch te Leuven ofte Ceulen daer heer Aelbrecht gestudeert heeft soo verre die scholen catol[ick] blijven ‘tgeniten hebben ende gebruijcken negen jaren lanck dat hij ’t priesterdom ofte promotie in die vrije consten ofte rechten geloest (?) aen te nemen maer anders maer vier jaren, ten waer dat geen van naesten bloeij en waren die daer nae wachten, dan salt sesse jaren ende sijnder egeen van vrienden voors. soo salse gegeven worden eenen anderen jongen van Gemert daer aen d’eritien [dubieus] Adams van Hout, Leendert Leners voors. huijsvrouwe ende der voors. swagers ende Frans Lamberts die Henrixken Lenert Dilis dochter gehadt hevet, soude achterlaten wettige gebeurte ende van Lenerden gescheiden sijnde erffgenamen ende vrienden die ierst sijn sullen ende sal nu tot paesschen naestcomende aengaende ende den eersten pacht vallen te lichtmis anno sesthienhondert ende salse nu aldaer eerst genieten Adamus Leonardi Strijbosch daer nae Arnoldus Johannes Mickers beijde gerechte cosijnnen ende Petereus van Heer [748] Aelbrecht voors., daer naer sal hiervan collator ende executor wesen met kerckmeesters voors. ’t naest bloet nu Lenart Gielen daer naer Heer Aelbrecht voors. daer naer Leneert sijn broeder daer naer Simon Ansems hebbende Jenneken Lenarts daer naer Jan Aerts getrout hebbende Elisabeth Lenerts Gilis dochter
Vervolg 2:
ende soo voorts Leenderts kinderen daer naer Sijnons kinderen daer naer Jans kinderen soo voort van ende opten anderen naesten bloede sal die collatie succederen ende erven ende soo die voors. scholen niet catolijck ende bleven om onser sonden … soo sal die student altijt een ander schole mogen kiesen die catholycx is van die vijff hondert gulden hier boven geruert sal men nemen elff gulden thien stuijvers eens jaerlicx daer van comende profijt van veertthien stuijvers tot een additie van de sondaechse misse nae het sermoon gefundeert vande Anshem van Strijbosch op datter met die vier gulden ende sesse stuijvers desselven vijff gulden ….sijn mogen ende dat sal aengaen Joannis anno xv c negenentnegentich ende den eersten pacht vallen Lichtmis sesthien hondert ende op dat hem en op dat hem die schoolkijnder te beter [748r] oeffenen mogen in den sanck soos al den voors. Bisschop te weten die aldaer best singht ende op Sinte Nicalaesavont [lees: Nicolaas] gecoren wordt daer van hebben allen metten tijdagen, welck eenentwintich sijn, alle der sielendach ende die drie donncker metten met gereeckent allemael eenen witten wijten reck [dubieus], van eenen halven stuiver eens lopende viii ½ gulden jaerlicx x ½ st. ende dit sal conceptionis Marie xv c negenendenegentich aengaen ende eerst vallen 1600 –
noch sal hier van sijn twintich gulden eens jaerlicx twee stuvers totter pitantie Gemert dat die pastoor opsicht hebbe op alle die fundatiën dat se wel onderhouden werden mogen ende dat hij nae doot heren Aelbrecht oor hem alle sondach bidden endde die twee kerckmeesters elck twee stuvers ende twee stuijvers dat naeste bloet, op dat sij opsienders ende executeurs deser fundatie ende collateurs der beursen sijn sullen ende een eeuwich jaergetijt met misse ende vigilie te singen ende nae te doen Lenarden Gilis, Marie sijn huijsvrouwe Ma. ende heure kijnderen, heren Aelbrechts Leenerden, Jenneken Henrixken ende Elisabeth
Persoon in schepenakte:
Lenart Dilis van Strijbosch  
Aelbrecht van Strijbosch  
Leenert Lenersse van Strijbosch  
Marien Aelbrechts van Haendel  
Frans Lamberts die Henrixken  
Simon Ansem Daniels  
Jan Aert Mickers  
Adamus Leonardi Strijbosch  
Arnoldus Johannes Mickers  
Adams van Hout  
Leenert Dielis  
Leendert Leners  
Lenert Dilis  
Lenart Gielen  
Aelbrecht  
Simon Ansems  
Jenneken Lenarts  
Jan Aerts  
Jenneken Henrixken  
Datering:
26.1.1599
Pagina:
746-750
Soort akte:
Testament
Plaats:
Rome / Gemert / 's-Hertogenbosch / Leuven / Keulen / Rixtel
Toegangsnummer:
220
Inventarisnummer:
37
Bron:
Beurzenstichtingen
 
 
 
 
 
Schepenakte
176 Vertaald uit het latijn
Salicheyt ende vrede van Christo Jesu.
Gerart Janssen pastor Stelensis vermaakt de nodige legaten aan de volgende personen: de allereerwerdichste aertsbisschop een halve daelder, voor de fabrycke van de groote kercke een daelder, Onze Lieve Vrouwen twee daelder, Heer Aerdt Adams Canonicus Assindiensis, de paters der Sociëteit tot Colen [= Keulen], tot Grevenbroeck int Wisse Peertgen [Witte bedoeld?] die hem 100 daelders schuldich is die Heer Aert aan de paters van de Sociëteyt zal geven, Joachim Drijnarts kinder tot …. sijn mijn schuldich 100 daelders die geve ick den armen om door den pastoor aldaer tot eenen jaerlyckschen pacht vuytgereyct te worden, 300 daelder vuytgeseth tot een jaerlyckschen pacht oft rente op Grevenbroeck die make ick metten verloopen pachten de paters van de Societeyt, tot M…. bij Rurmonde 60 gl. siaers tot behoeff eenre burse van een student, een gelijcke renthe voor eenen anderen student uit de bloedverwanten ende vrienden, tot Woensel een rente van 36 gl. Brabants, de pastoor tot Eijndhoven, de pastoor van Weert, mijne eerwerdichste Heere den Bisschop van Rurmonde, mijne nichte Martijntken die bij mijn gewoont heeft een jaerlyckschen pacht op Marten Portmansacker, de Antwerpsche rente aen het Vrouwenclooster binnen Weert
15 gl. op de stad Weert, mijn nichte die tot eenen man heeft M. Jacob de geestelycke pachten van het beneficium van St.Anna tot Weert, daervan sal den Heere Pastoir aldaer disponeren tot behoeff van goede ende godtvruchtige arme menschen tot Uda (?) met Heer Henrick ende den pastoor tot Vorst vuytsetten tot een jaerlycksche rente om den armen vuytgereyct te worden ter dispositie des heeren pastoors, ende zoo wie met dese myne dispositie oft testament nyet te vreden en is ende daertegen wil seggen,
Vervolg:
soo wil ick dat denselven maer eenen gulden Brabants en sal genieten;myne dienstmaecht moet gegeven worden heuren verdienden loon voor twee jaren, ende haer make ick behalven haeren loon myne koeyen, verckens gemaeyt coren in de schuer, des sal sy besorgen mij een eerlycke begraeffenisse daertoe roepende sommige goede ende godtvruchtige priesters; idem van d’innecomen der ackers te betalen St.Maerten naestcomende late ick ter dispositie Heer Evert ende Heer Aert om aen arme menschen binnen Steel vuyt te reycken; mijne boecken die ick hebbe tot Steel geve ick Heer Aert Adams canoninck, mijne andere boecken binnen Nuijs by Jannen Hesen ende tot Uda ende binnen Kempen aen de Abdije van Gladbeeck; Iken Stuijchs sal hebben mynen tabbart met vellen gevoedert ende de maeght den anderen; executeur Heer Aert ende op andere plaetschen de pastoirs aldaer; myne huysraet hoort toe de maeght, myn choorcleet geve ick Heer Aertden en de reste laete ick hem disponeren – lager stond: accordeert met het origineel, Jacob de Vylliers notaris en de gesworen secretaris der stadt van Weert – helemaal onderaan dese getranslateerde copie gecollationeert mette Latijnsche autenticque cop. gepasseert ende onderteeckent als boven is deselve daermede bevonden te concorderen – oirconde etc. 1620 G. v.Gerwen notarius publicus
Persoon in schepenakte:
Aerdt Adams Canonicus Assindiensis  
Aert Adams  
Heere den Bisschop  
Jacob de Vylliers  
Gerart Janssen  
Lieve Vrouwen  
Wisse Peertgen  
Aert  
Joachim Drijnarts  
Marten Portmansacker  
Heere Pastoir  
Henrick  
Evert  
Jannen Hesen  
Iken Stuijchs  
Aertden  
M. Jacob  
Datering:
19.9.1581
Pagina:
641-643
Plaats:
Keulen / Steel / Roermond / Grevenbroek / Woensel / Eindhoven / Antwerpen / Weert / Uda / Kempen / Gladbeek
Toegangsnummer:
220
Inventarisnummer:
37
Bron:
Beurzenstichtingen
 
 
 
 
 
Schepenakte
170 Edele Mogende Heeren
Tot voldoeninge van uwe Ed: Mog: apostille van den 20 july laetstleden bij welcke mij gelast wordt naerder bewijs in te brengen aen ende de beurse gefundeert bij Heer Gerrit de Loijer ende sijn suster, bij acte van haere Ho: Mog: hier annex sub lit [- littera] A ende de collatie der vrienden der fundateuren geconfereert aen Jillis van Couwendael, dient onderdaenighlyck de legale attestatie van Petrus Clausius pastor tot Teeffelen hier neffens gaende sub lit. B voor schepenen van Megen gepasseert, inhoudende dat de voorn. fundatie is eene beurse om opt incomen desselfs te studeren, twelck noeijt op een altaer is gebruijckt, als bij gebreck van studenten, aen wien, alser van de vrienden haer presenteerden, tvoors. incomen noeijt is geweijgert, twelck de voorn. pastor met sijn eijgen exempel confirmeert, twelck oock over een compt met de getuijgenisse van ses van de gequalificeerste regenten ende inwoonders van Os, sub lit. C die uitdruckelijck verclaerden dat het voors. incomen altijdt, soo verre haer gedencken mach, tot de studien is gebruijckt geweest; hier compt nog bij eene peremptoire getuijgenisse van Jeuwen [of Ieuwen] Lamberts, gewesene capelaen tot Os, oudt 90 jaeren, verclaerende dat de voors. fundatie is eene beurse ende dat op ’t incomen desselfs bij de vrienden der fundateuren altijdt is gestudeert geweest, gevende voor redenen van welwetentheit, dat eenen Dirck de Clingh talder eerst op deselve acht jaren langh tot Colen heeft gestudeert ende soo voorts onder de vrienden der fundateuren is gebruijckt, twelck hij de pon….verclaert wel te weten, alsoo de fundateuren sijn geweest de oom ende moeije van dyn moeder, welcke attestatie hier neffens gaet sub lit. D – Ende en can het abusyff overbrenghen, misschien byden rhentmr. Pieter Schuijl geallegeert dese verclaeringhen niet prejudicieren, naerdemael de gebruijckers door onkennisse lichtelijck allodiale goederen voor geestelijcke goederen aenbrenghen,
Vervolg:
en soo nieuwe kennisse tusschen beursen off beneficien [die oock vicarijen genoemt worden] tot de studien en tot missen niet en hebbe – oock is nu de attestatie vanden voors. Pastor Petrus Clausius voor desen donckerder (?) geproduceert, verclaert, seggende dat het inkomen der voorn. fundatie, in sijne attestatie gespecificeert, op ’t altaer van St.Severus en Andries noeijt anders is gebruijckt als wanneer der geene studenten waren van den bloeden der testateuren, uit welcke alle blijct dat Gillis van Couwendael tvolcomen incomen der voors. fundatie volgens de last van de Ho: Mo: van mijn als ontfanger der beursen onder reverentie behoort uitgereijckt te worden, verhopende dat hier door Uwe Ed: …. last genoech is geschiet, blijve Edele Mogende Heeren Uwe Ed: Mo: onderdaenighe dienaer Florentius Schuijl.
Persoon in schepenakte:
Gerrit de Loijer  
Pastor Petrus Clausius  
Jillis van Couwendael  
Dirck de Clingh  
Gillis van Couwendael  
Petrus Clausius  
Pieter Schuijl  
Uwe Ed  
Florentius Schuijl  
Datering:
1602
Pagina:
602-611
Soort akte:
Fundatie
Plaats:
Asten / Teeffelen / Megen / Keulen
Toegangsnummer:
220
Inventarisnummer:
37
Bron:
Beurzenstichtingen
Geografische namen: