skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen Bhic

Herman Verheijen in ere hersteld

Het dilemma van een burgemeester in oorlogstijd

Herman Verheijen, oorspronkelijk afkomstig uit Roosendaal, bekleedde tussen 1905 -1932 tal van openbare functies in de gemeente Dongen, zoals raadslid, wethouder en president van de harmonie. Er was onder de bevolking veel waardering voor zijn bestuurlijke kwaliteiten en maatschappelijke betrokkenheid. Hij was een echt Brabants mensen-mens, een gemeenschapsmens.

Burgemeester Verheijen (bron: Heemkundekring Erthepe)
Burgemeester Verheijen (bron: Heemkundekring Erthepe)

In 1936 werd hij benoemd tot burgemeester van de gemeente Erp. Met wethouder De Kuyper en gemeentesecretaris Sleegers, die op dezelfde functie gesolliciteerd hadden, kreeg hij een sterke vertrouwensband. Bij zijn aantreden in 1936 zag hij zich al direct verplicht de eerste maatregelen in het kader van de mobilisatie af te kondigen. Tweede Wereldoorlog sloop geleidelijk het dorp binnen.

Vanaf 1940 kwam het Nederlands bestuursapparaat - departement, provincie en gemeente - onder Duits toezicht te staan. Er werd voortaan volgens het één-leider principe bestuurd en gemeenteraad opgeheven. De eindverantwoordelijkheid kwam volledig bij de burgemeester te liggen. Er werden enkel nog besluitenlijsten opgemaakt. De bezetter begon de burgemeester te verplichten om steeds meer maatregelen uit te voeren.

De hogere Nederlandse overheidsfunctionarissen konden de burgemeester niet openlijk steunen, op het gevaar af zelf gearresteerd te worden. De burgervader werd door diezelfde overheid echter wel opgedragen onder geen enkel voorwaarde vrijwillig ontslag te nemen. Hij stond er volstrekt alleen voor en moest laveren tussen de opgelegde maatregelen en de belangen van de burgers. Hij balanceerde voortdurend tussen meewerken of weigeren, tussen uitvoeren of saboteren, tussen navolgen of uitwijken en tussen aangifte doen of instemmen met lokaal verzet.

Ook Herman Verheijen is erin geslaagd om tot het eind toe op eigen gezag een politiek te voeren van uitwijken, uitstel forceren, tijdwinst boeken, zo klein mogelijke concessies te doen en waar mogelijk sabotage te plegen. In zijn dossier zijn hier van voorbeelden te over. Zelf heeft hij niet geweten, dat hij al vanaf juni 1942 door Duitse instanties in de gaten werd gehouden.

Ruimhartig als hij was, gaf hij vanaf het bombardement van Rotterdam in 1940 tot aan het eind van de oorlog een liefdevol en veilig onderdak aan het vijfjarige pleegkind Treesje van Dam.

Verheijens liefde voor harmoniemuziek bloeide weer op in Erp. Kort na zijn installatie werd hij voorzitter van de Erpse harmonie Oefening Baart Kunst. In 1938 was hij de initiatiefnemer voor een nieuwe muziekkiosk op het Harmonieplein. Op die manier schonk hij het dorp een nieuw middelpunt voor al haar lokale festiviteiten. Met andere woorden, ook in Erp liet hij zich kennen als een mensen-mens, als een gemeenschapsmens.

Vanaf voorjaar 1944 ging de door de Duitsers aan Nederland opgelegde Arbeitseinsatz een steeds belangrijkere rol spelen. Het toezicht op de Arbeidseinsatz verscherpte en nam hardere vormen aan, met arrestaties en executies.

Voor Herman Verheijen is de Arbeitseinsatz een alles bepalende rol gaan spelen rond het door de Duitsers aangelegde vliegveld Volkel. Evenals andere burgemeesters uit de gemeenten rond Volkel werd hij gedwongen om zijn eigen inwoners aan te wijzen voor herstelwerkzaamheden op het vliegveld. Dat aanwijzen hij heeft ook daadwerkelijk enkele maanden gedaan. Tevens is hij in die periode een enkele keer op Fliegerhorst Volkel gaan werken, samen met raadslid De Kuyper. Een protestsignaal naar de Duitse gezaghebbers en een hart onder de riem voor zijn eigen bevolking. Mogelijk is hij toen tot het definitieve besluit gekomen om dat voortaan te weigeren!

Aanwijsbriefje voor Fliegerhorst Volkel, 1944
Aanwijsbriefje voor Fliegerhorst Volkel, 1944

Uit een studie gepubliceerd in 2022 blijkt dat het profiel van Herman Verheijen naadloos aansluit op de profielen van de andere weigerende burgemeesters uit de burgemeesterskringen Geldrop en Croy cq. Helmond. Ook hij behoorde tot een geslacht van Brabantse bestuurders en burgemeesters, was een diepgelovig katholiek en overtuigend lid van de Katholieke Staatspartij. En even als de anderen de burgervader van een katholiek dorp.

Het blijft onopgehelderd of Herman Verheijen direct betrokken was bij één van de twee burgemeesterskringen. Uit documenten weten we wel dat Verheijen een vertrouwensband had met Theodoor Mostermans, de burgemeester van het naburig Lieshout. Deze was aangesloten bij de kring Croy. Verheijen kan via hem toch geweten hebben wat er onder de andere weigerende burgmeesters speelde.

Daarnaast blijkt dat Verheijen en Mostermans met tal van ander Brabantse burgmeesters een liefde voor harmonie- en fanfaremuziek deelden. Van der Putt, Smulders en Veeneman waren even als zij in hun eigen dorpen betrokken bij de harmonie. Sommigen van hen hadden een bestuursfunctie in de R.K. Bond van Harmonie en Fanfaregezelschappen in het bisdom ’s Hertogenbosch. Het lijkt erop dat er ook een tweede meer informeel communicatiecircuit tussen de diverse burgmeesters heeft bestaan.

Herman Verheijen nam halverwege 1944, in navolging van de andere Brabantse burgemeesters, het besluit om verdere medewerking met de Duitsers te weigeren. Bovendien besloot hij zich niet ziek te melden, zich niet tijdelijk te laten vervangen of onder te duiken. Als verklaring voor deze opstelling heeft hij zelf aangegeven dat hij zich bewust was van het gevaar dat de Duitsers dan een andere vooraanstaande bestuurder van Erp zouden arresteren, vermoedelijk gemeentesecretaris Sleegers, die een gezin van dertien kinderen had.

Uit die weigering onder te duiken blijkt dat hij een man van onwrikbare principes was. Nadrukkelijk wilde hij de volle verantwoordelijkheid voor zijn besluit dragen en de gevolgen accepteren. Bovendien kon en wilde hij ook zijn eigen kinderen niet in gevaar brengen. Elk van hen, ieder op zijn eigen manier, vervulde tijdens de oorlog een ondersteunende rol in één van de gemeentelijke hulporganisaties. Of gingen duidelijk in verzet, zoals zijn zoon Jan en diens ´verloofde´ Marie Antoinette Nielen.

Het gezin Verheijen in 1936 (bron: Collectie E. Verheijen)
Het gezin Verheijen in 1936 (bron: Collectie E. Verheijen)

Ook het Erpse verzet zelf, van wiens doen en laten hij goed op de hoogte blijkt te zijn geweest, heeft hij in die cruciale maanden van 1944 door zijn aanblijven tot het laatst beschermd. Zou hij zijn ondergedoken, dan was er hoogst waarschijnlijk een NSB-burgemeester in Erp benoemd. 

Verheijen had zijn arrestatie natuurlijk wel zien aankomen. Zoals nu blijkt heeft hij om persoonlijke en principiële redenen het aanbod van het verzet om tijdig onder te duiken afgewezen.

Het verzet in Erp werd geleid door Harrie Otten. Huize Otten bood onderdak aan gestrande piloten en was onderdeel van een hulplijn naar Spanje en Engeland. Het was tegelijkertijd het hoofdkwartier van de leiders van de Landelijke Organisatie voor Onderduikers uit de directe omgeving. Door de Arbeitseisatz nam het lokale verzet van de burgers toe. Jongens en mannen uit Erp probeerden eraan te ontkomen door onder te duiken. Het lokale verzet kwam daardoor steeds meer onder druk te staan. Het risico om verraden te worden werd steeds groter. Geconstateerd moet worden dat in deze bredere lokale context van de oorlog verzetsleider Harrie Otten en burgemeester Herman Verheijen bij de uitvoering van hun taken en eenieder vanuit hun eigen verantwoordelijkheid onbedoeld en ongewild tegenover elkaar zijn komen staan.

Na de bevrijding werd in Erp een kiescollege gevormd van burgers, die geacht werden het vertrouwen van de bevolking tijdens de vijandelijke bezetting te hebben behouden of verkregen. Harrie Otten maakte deel uit van dit kiescollege en later ook van de zuiveringscommissie van de gemeente Erp.

Noch de provinciale noch de archieven van de gemeente geven voldoende informatie om het lokale zuiveringsproces te reconstrueren en vast te stellen wat nu precies het verwijt is geweest dat burgemeester Verheijen werd gemaakt over zijn rol en gedrag tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit wat er wel over geschreven is, lijkt zijn late beslissing om voortaan te weigeren de aanwijzingen te ondertekenen het belangrijkste te zijn. Een verwijt, dat na de oorlog voornamelijk van de ondergrondse van Erp kwam. Veel ruimte voor een tegengeluid is er in die dagen niet geweest. Het is tevens goed om ons te realiseren, dat er vanuit de Nederlandse verzetsbeweging na de oorlog de tendens bestond om burgemeesters en bestuurders, die tijdens de oorlog in functie waren gebleven, steeds harder aan te vallen. Zelfs de griffie van Noord-Brabant sloot zich daar volledig bij aan. In het Nieuwe Nederland was geen plaats voor slappelingen.

Na de oorlog is er onderzoek gedaan naar de rol van burgemeesters tijdens de oorlog. Dus ook naar het functioneren van Herman Verheijen. In 1948 werd medegedeeld dat uit geen enkel archief is gebleken dat burgemeester Verheijen tijdens de bezetting ontslag is verleend. En aan het gezin Verheijen is al die tijd dus gewoon zijn salaris uitgekeerd. Kortom Herman Verheijen is formeel nooit ontslagen en is er formeel nooit aanleiding geweest verder onderzoek te verrichten naar zijn gedrag en houding tijdens de oorlog.

Het is begrijpelijk dat burgemeester Verheijen kort na de bevrijding niet direct erkenning kreeg voor zijn opstelling en houding tijdens WOII. Het is echter wel pijnlijk te constateren dat de gemeente Erp in latere jaren, zonder enige ruggespraak met provinciale en landelijke overheden, elke verzoek tot eerherstel van de nabestaanden Van Herman Verheijen ongegrond heeft verklaard en afgewezen.

Laten we daarom de dag van 14 oktober 2023, de dag dat in Erp ter zijn ere een struikelsteen is onthuld en de dag van zijn definitieve eerherstel met respect en blijdschap vieren. Herman Verheijen heeft altijd naar eer en geweten gehandeld in het belang van de bevolking van de gemeente Erp. Op het cruciale moment heeft hij, net als de andere omgekomen Brabantse burgemeesters zijn rug gerecht, verder medewerking geweigerd en de consequenties van dat besluit ten volle aanvaard, in de wetenschap dat het hem zijn leven zou gaan kosten.

Struikelsteen voor burgemeester Herman Verheijen in Erp (bron: Heemkundekring Erthepe)
Struikelsteen voor burgemeester Herman Verheijen in Erp (bron: Heemkundekring Erthepe). Klik op de foto voor een vergroting

Dit verhaal is een samenvatting van een uitgebreid artikel, dat eerder verscheen in het tijdschrift De Wazerweijen nr. 169 (2023; uitgave heemkunderkring De Heerlyckheid Dongen), blz. 16 - 64.

Lees het hele artikel

Lees ook

Herman Verheijen op Brabantse Gesneuvelden

Reacties (1)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 23 november 2023 om 12:17
Dag Hans, bedankt voor je bijdrage en voor deze mooie woorden: "Laten we daarom de dag van 14 oktober 2023, de dag dat in Erp ter zijn ere een struikelsteen is onthuld en de dag van zijn definitieve eerherstel met respect en blijdschap vieren."

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Geef mij een andere som.