skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Sterre Schlink
Sterre Schlink
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Sterre Schlink
Sterre Schlink

De erfenis van “Hannes oom”

“Hannes oom” was Petrus Johannes van Wees, roepnaam Hannes, geboren in Reek op 29 april 1851. Hij trouwde met Mechelina van Eldijk uit Altforst. Zij gingen in Reek wonen. Op dezelfde dag trouwde ook zijn zus, Cornelia van Wees, met Antonius Oppers uit Gassel.

Dit stel ging in Gassel wonen. Hannes en Mechelien kregen helaas geen kinderen en Mechelien overleed vrij jong. Maar Kee en Toon in Gassel kregen zes kinderen.

Hannes had een fiets en kwam graag naar Gassel, naar zijn zus Kee en kinderen. Kee was al jong weduwe. Hannes leefde in Reek, in een klein oud huisje van de gemeente, en leidde een sober bestaan als schoenlapper. Hij ging vaak naar zijn lievelingsneef Antoon Oppers (mijn vader), ook toen die al getrouwd was met Pieta Wilbers (mijn moeder), waar hij hun kinderen zag opgroeien.

Het was in de lente van 1931 dat Hannes weer eens met de fiets naar Gassel kwam. Mijn broer Johan was toen 8 jaar en kreeg de fiets van Hannes, een heel groot kado in die tijd. En Hannes oom ging te voet terug naar huis. Het was de laatste keer dat hij in Gassel was geweest. Hannes werd ziek en mijn vader zocht hem meermalen op. Hannes vroeg mijn vader om de uitvaart te regelen, als hij was overleden. De notaris had van Hannes een lijst gekregen met de mensen die uitgenodigd moesten worden. Hannes overleed op 16 oktober 1931 op 80 jarige leeftijd.

Reek, erfgenamen van Hannes oom van Wees

Op de foto staan de erfgenamen van Hannes van Wees voor zijn huisje:

Staande van links naar rechts Gerrit Oppers uit Overasselt, Lena van Hout-Oppers en haar man Jan van Hout uit Eindhoven, Klaas de Goeij uit Mill, (hij was getrouwd met Marie van Wees, die niet op de foto staat, omdat zij niet naar Reek kon fietsen), de heer Huggers uit Wanroij (ook zijn vrouw Grada van Wees was niet aanwezig).

Zittend: Antoon Oppers en Pieta Oppers-Wilbers uit Gassel, Thijs en Dien van Haren Thoonen-Dekkers uit Balgoij.

Mijn vader moest dus de familie uitnodigen voor de uitvaart in de kerk van Reek. De hele dag is hij van A naar B gefietst om de hele familie te verwittigen. Na de uitvaartmis nam de notaris in de kerk het woord. Dat was heel ongebruikelijk. Hij vroeg de erfgenamen om na het afscheid op het kerkhof bij het huisje van Hannes bijeen te komen. Dat stond tegen het kerkhof aan. (Het huisje is enkele weken later door de gemeente afgebroken voor een uitbreiding van het kerkhof).

Daar stond een fotograaf klaar die een foto maakte van de verzamelde erfgenamen, als bewijs voor de notaris. Hannes had namelijk een testament gemaakt met de bepaling, dat alleen de familieleden die in de kerk waren geweest, aanspraak konden maken op de erfenis. Dat waren zes personen. De rest kreeg niks.

De notaris verkocht ook de spullen die in het huisje stonden aan de familie. Dat geld werd ook verdeeld. Iedereen kreeg ongeveer 190 gulden. Dat was veel geld in die tijd van armoede. Mijn ouders kochten een kast met inhoud, met wat oude kleren en wat beddengoed. Dat konden ze goed gebruiken met 7 kinderen, (en drie jaar later kwam nog nummer 8, dat was ik). In een laatje van die kast lag, tussen wat rommeltjes, ook nog een horloge. Die liep niet meer en er was ook een wijzer af.

Jaren later bleek het van zilver te zijn, gemaakt in Parijs, tussen 1898 en 1902. Het was niet echt kapot, alleen maar vuil. Het is nog steeds in de familie. Ook de schoenmakersspullen kwamen mee naar Gassel, waaronder een ronde, sterke kartonnen doos, van ongeveer 70 cm hoog. Daarin zaten allemaal grotere en kleinere stukjes leer. Vooral in de oorlog heeft dat leer goede diensten bewezen. Daar werden de klompen mee “ geheugd”. Dat hield in dat er stukjes leer op maat werden gesneden en als een soort mozaïek onder de klompen geslagen. Met een priem werden er gaatjes in het leer gemaakt, dat met houten klompenpinnen onder de zool werd gezet, want ook klompen waren schaars en op de bon. Zo gingen de klompen langer mee. Mijn moeder was daar heel handig in.

De familie Oppers heeft goede herinneringen aan Hannes oom. Ik heb hem niet gekend, want ik was toen nog niet geboren.

Reacties (1)

Rini. zei op 1 april 2017 om 07:08
Ik mis hierbij de nadien 5 gegeven reacties van 2009 tot 2010.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen